Plus Column

Wijksafari in de Bijlmer

Yasmina Aboutaleb (29) rapporteert op dinsdag en donderdag vanuit de stad.

Yasmina Aboutaleb Beeld Agata Nowicka

We zijn in de E-buurt. Alle straten beginnen hier met de letter E: Elim, Entabeni, Engcobo. We staan voor een basisschool aan het Egoliplein.

De organisatoren van theaterproject Wijksafari Bijlmer hadden ons gevraagd wandelschoenen aan te trekken. Als ik aan kom lopen op mijn Nikes, zie ik dat de andere deelnemers die opdracht heel serieus hebben opgevat: de meesten hebben professionele bergschoenen aan - al dan niet in combinatie met een praktisch windjack.

De vijftigplussers kijken schuchter om zich heen. Ze proberen te glimlachen, maar de lach breekt niet door, daarvoor is de sfeer te ongemakkelijk. Waarschijnlijk hebben ze het zelf ook in de gaten: in de Bijlmer heb je meer aan een goede attitude dan aan goede kleding.

Er komt een overdreven energieke man aanlopen, een acteur. Hij spreekt ons aan als kleuters. "Allemaal naar mij kijken, ik wil jullie oogjes zien." Twee aan twee dirigeert hij ons het plein over de school binnen, waar het sterk naar kleuter ruikt.

We krijgen allemaal een stoffen rugzakje. In de mijne zit een paarse broodtrommel en een krentenbol met een dikke laag boter. Wij eten, de acteur praat.

Net als ik me begin te vervelen, neemt hij ons weer op sleeptouw. We gaan een lokaal binnen. Daar liggen twaalf kleuters als steentjes op de grond. Ze zingen een liedje. Het geheel is zo schattig dat de vijftigplussers onmiddellijk ontdooien. Ze glimlachen breeduit, vooral als een jongetje begint te dansen als Michael Jackson.

Daarna pakken de kinderen, met namen als Chanel, Success en Socrates, onze handen vast en nemen ons mee naar hun speelhoek. Ik word geadopteerd door ­Jevainely. Het lukte me twee roze hartjes voor haar te kleien, dan moeten we weer weg. Buiten staan namelijk scooterboys en -girls op ons te wachten.

Ik spring achterop bij Frenkie. De vijftigplussers doen, met wisselende lenigheid, hetzelfde bij andere Bijlmerjongens en -meisjes. We zwieren door de wijk, langs de olifantspoten van de metro, langwerpige flats, rode ­rijtjeshuizen, talloze grasvelden en 'de boom die alles zag'.

Bewoners kijken om als de Opzij-lezeressen achter op de scooters voorbijkomen. Ook als we ons te voet door de buurt begeven, merk ik dat we worden aangestaard. Ik voel me een puber op vakantie met haar ouders. Maar de Bijlmerbewoners verwelkomen ons overal met open armen en zeggen dat we terug moeten ­komen. Een Ghanese man is zelfs bereid de regels van de woningbouwvereniging voor ons te breken door een barbecue aan te steken op het balkon.

Om me heen zeggen de vijftigplussers de hele tijd hoe bijzonder ze het allemaal vinden. Ik vind het vooral heel normaal.

yasmina@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden