Maarten Moll. Beeld Sjoukje Bierma
Maarten Moll.Beeld Sjoukje Bierma

Wie ligt er onder de steen met Geele Handt?

PlusMaarten Moll

Zou er nog wel eens iemand aan S. van Osenbruggen denken?

Met een dun hakijzer is No 43 aangebracht in de grafzerk. Met een grotere beitel de naam. Haar of zijn naam. Verder staat er niets op de steen.

Zo liggen er in de Oude Kerk meer met alleen een naam. Soms met voornaam.

Anna Lucretia Van Zon

Jan de Bruyn

Assuerus Bullens

Soms met minder.

De Vries

Alsof er maar één De Vries was.

Backer

Wateringe

Blancke

Kan nog korter.

MVD

Of met nog minder.

Jan de Bruyn ligt naast een steen waarop alleen No 74 is aangebracht. Daar zijn er meer van.

No 29

Wie ligt er onder No 29?

Iacob Guillot, lees ik op een steen. Daarboven No 62 en No 63. Maar onder zijn naam is een brede strook weggehakt. Welke naam zou daar hebben gestaan? Is, ik doe maar een gok, de echtgenote van Iacob in ongenade geraakt?

Het is, het klinkt wat cru, heerlijk dwalen over het kerkhof onder het dak van de Oude Kerk. De gehele vloer is bedekt met grafstenen.

Ik kwam weer helemaal tot rust.

Het niet kunnen thuisbrengen van een vogel in de tuin van Jan Wolkers een paar uur eerder dreef me zo tot razernij dat ik besloot om iets anders te gaan doen. Een contemplatieve wandeling in de Oude Kerk leek me de juiste manier om weer tot bezinning te komen.

Het gebouw is weer open, niet voor gebed, maar wel voor kunst; de tentoonstelling Here is where we meet van de Argentijns-Nederlandse kunstenaar Aimeé Zito Lema. De mentale nood is hoog, liet directeur ­Jacqueline Grandjean weten, er is grote behoefte aan kunst en cultuur.

(Helemaal mee eens. Ik wil weer voor Op het terras staan, voor Innenraum.)

Maar, sorry Aimeé, ik liet al snel het hoofd hangen om naar de grafstenen te kijken. Me te proberen iets voor te stellen bij de namen en jaartallen (er liggen uiteraard heel veel stenen met volledige namen en geboorte- en sterfdata). 1779, 1841, 1711, 1624, 1755, 1817, 1706, 1664, 1696.

Het mooiste moest nog komen.

Ergens tegen een muur stuitte ik op een grafsteen met het nummer K 76.

Geele Handt

Dat staat op de steen. Daaronder een tekening in steen van een hand. (Geen gele hand, dat is dan weer jammer.)

Mysterieus.

Geele Handt. Niemand die zo heet, toch?

Wie ligt daar onder? Wie of wat is Geele Handt, zoiets als de Zwarte Hand? Een geheim genootschap, een verzetsbeweging?

De Orde van de Gele Handt.

Een snelle zoektocht op internet leverde niets op.

De mevrouw bij de ingang was nergens te bekennen.

De vogel was een grafzerk geworden.

Vol van razernij fietste ik weer naar het tuinhuisje. Aan S. van Osenbruggen heb ik geen moment gedacht.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden