Marjolijn de CocqBeeld Artur Krynicki

We zwaaiden, we wilden iets zeggen en blub blub blub

PlusMarjolijn de Cocq

En zo ben je ineens bij de schrijvers in huis. Ik had de afgelopen weken voor interviews in Londen en Edinburgh zullen zijn, en in het Ambassade Hotel aan de Herengracht. Maar nu zitten zij thuis en zit ik thuis en samen moeten we er zorg voor dragen dat er toch een passabel verhaal over hun nieuwe boeken in Het Parool komt.

Ik ben niet zo goed in Skype-interviews. Althans, ik ben er veel zenuwachtiger voor dan voor een ontmoeting in het echt. Een klik maken met iemand die je niet kent via het scherm, het is toch anders. Maar vooral is het het gedoe erom heen. Houdt de wifi het?

Kloppen de afspraken die gemaakt zijn via de uit­geverijen? Is het tijdsverschil wel ingecalculeerd? Gaat er niet net nu een buurman boren? En o jee, er is een pakketbezorger onderweg.

De gesprekken en de verhalen krijgen een andere dynamiek, maar het gaat, de stukken komen er. Wel vaak met bloed, zweet en tranen – wat dan soms juist die klik oplevert die het verhaal net dat extra geeft waar je als journalist op hoopt.

Zoals het interview met de Turkse Elif Shafak, woonachtig in Londen, over haar boek 10 minuten 38 seconden in deze vreemde wereld. De connectie kwam tot stand; zij in haar verduisterde werkkamer met koptelefoon, ik in de woonkamer beneden, want op mijn werkplek in de slaapkamer is de wifi rampzalig. 

We zagen elkaar, we zwaaiden, we wilden iets zeggen en blub blub blub. Nieuwe verbinding, andere plek, blub blub blub. Na tien minuten hebben we het opgegeven, elkaar uitgezwaaid en maar gewhatsappbeld – met de verwonderde constatering dat het net was of we elkaar al jaren kenden.

Of het interview met Maggie O’Farrell over haar boek Hamnet in Edinburgh. Daar kwam de verbinding eerst helemaal niet. Vijf minuten: niet. Een kwartier: niet. Een half uur: niet. Klopte de datum wel? Ja. Klopte het tijdstip wel? Ja. Echt? Nog een keer checken. Ja. echt. Zenuwen ten top, want vlak voor een interview sta ik aan. Opperste concentratie – die door dit soort gekmakend gek*t wordt gefnuikt.

De wifi bij O’Farrell lag eruit, zo bleek nadat haar Nederlandse en Engelse uitgever in actie waren gekomen. Uiteindelijk kwam groen licht voor een retry. Haar wangen nog roder dan de mijne, veel door elkaar heen gepraat met excuses en geruststellingen – sorry voor de troep in de werkkamer, haar zoon had er gisteren zijn huiswerk gemaakt. Maar we waren er, de concentratie keerde terug, we deden ons ding.

Ik kan er maar beter aan wennen, met nergens heen als het nieuwe normaal. De schrijvers zitten met hun gecancelde boekentournees in hetzelfde schuitje, maar gelukkig verschijnen hun boeken – en kunnen we ons daaraan laven.

Reageren? m.decocq@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden