Theodor Holman. Beeld Artur Krynicki
Theodor Holman.Beeld Artur Krynicki

We zullen ermee moeten leren leven dat de mens nooit meer gezond is

PlusTheodor Holman

De avondklok beiert schade. En niet alleen de avondklok. De lockdown trekt zelfmoordenaars aan, haalt ­kinderen naar beneden en rommelt steeds harder in de onderbuik. De coronaduivel weigert te rusten; hij zigzagt door de generaties, meer ouderen dan jongen, meer zwaren dan lichten, meer armen dan rijken.

Wij bouwen dijken met maatregelen, geld en vaccins. Maar het helpt niet. De maatregelen tegen corona veroorzaken ook ziekte.

We zullen ermee moeten leren leven dat de mens nooit meer gezond is, nooit gezond zal zijn en nooit gezond zal worden.

Gezondheid is een fictie.

Ik ken ook niemand die gezond is.

Neem A. Ze ziet er gezond uit. Ze is twintig. Maar ze is niet gezond. Ze heeft een ziekte die ik niet ken waardoor ze al zes keer in het ziekenhuis is geweest. Het is erfelijk.

B. is een kennis van mijn dochter. Leuke knaap. Eén brok gezondheid. Niet dus. Hij is bijna veertig en slikt antidepressiva.

Zo kan ik het hele alfabet afgaan.

Iedereen is altijd ziek.

H. heeft nierstenen.

W. heeft astma.

We zijn de meest gedegenereerde dieren. Als ik Gerard Reve zou zijn, zou ik zeggen: “Een vogel gaat maar zelden naar de dokter, omdat hij God dient. Wij zitten constant bij de huisarts omdat Hij kwaad is. Vooral katholieke dieren hoeven nooit naar de dokter en nooit pillen te slikken.”

We worden ouder, maar niet gezonder. En we weten steeds minder hoe we moeten leven.

Van alle mensen zijn de jongeren het gezondst, al zijn ze ziek.

Maar wat is gezondheid? Geen hond die zich er zorgen om maakt. Geen poes die zich iets van het virus aantrekt. Geen aap die suïcide overweegt.

Ik snap dan ook de feestvierders in parken en op straat; verantwoordelijkheid is het resultaat van een beschaving die afneemt als de mens gedwongen wordt als een dier in een kooi te leven.

Gisteren was het lente.

Vreemde vogels floten hun liefdesliedje. De honden hielden niet op aan elkaar te snuffelen. De grachtenkat rook weer eens muis.

Een meisje verzamelde sneeuwklokjes. Krokussen lieten hun kruintje zien. Ik zag open jassen waaronder, voorzichtig, wat nieuwe bloesjes. Een enkele korte rok wapperde om een been. Hier en daar had een jonge man zijn jas thuisgelaten voor la bella figura.

En dus was kwam er een Vondelparklentefeestje waardoor iedereen nog zieker kon worden.

Geilheid geeft koorts…

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden