Patrick MeershoekBeeld Artur Krynicki

We zijn weer even terug in de jaren vijftig

PlusPatrick Meershoek

In de kleine stad waar ik lang geleden mijn eerste enthousiaste maar wankele stappen zette in dit prachtige vak, werd de vooruitgang uit overtuiging met grote argwaan bekeken. De zittende bestuurders deden alles om de toekomst zo lang mogelijk tegen te houden, en werden daar door de ­kiezers elke vier jaar royaal voor beloond.

Een sprekend voorbeeld was de besluitvorming rond Rock around the clock, de Amerikaanse muziekfilm die eind jaren vijftig elders in het land voor grote opwinding had gezorgd in de bioscopen. Het stadsbestuur zat ermee in de maag, wikte en woog, en besloot na ampel beraad dat de vertoning kon doorgaan, maar dan zonder geluid.

In de jongerensociëteit waar ik graag mijn tijd doorbracht, konden oud-leden mooie verhalen vertellen over dezelfde jaren vijftig. Bij voorbeeld over de dansmeester die in opdracht van de verlener van de vergunning de fysieke afstand tussen de dansende mannen en vrouwen in de gaten hield, en zich daarvoor met een meetlat over de dansvloer bewoog.

Het fysieke contact moest van overheidswege tot een absoluut minimum worden beperkt. Handen mochten worden vastgehouden, maar verder moest het niet gaan. Zodra het machtige beest van de hartstocht een stelletje dreigde te overmeesteren, stak de dansmeester op buikhoogte zijn stok tussen de dansers om de beschaving te bewaken.

Daarna kwamen de jaren zestig en zeventig, en moesten de vrijwilligers de paartjes in verregaande staat van ontkleding aan de voeten uit het drankhok trekken. Er was geen dansmeester meer om nog ergens een stokje voor of tussen te steken. Grote kans dat de man samen met een beginnend bandje een spuit aan het zetten was in de bestuurs­kamer.

Ik had nooit kunnen denken dat ik zelf nog eens dansmeester zou worden. Maar nu ben ik het die de kinderen op het hart drukt om afstand te houden in de speeltuin naast het huis. En kan ik het niet laten om af en toe even te gaan kijken of ze zich wel aan de richtlijn van anderhalve meter houden. Alleen de muziek en de stok ontbreken.

Wat een vreemde weken zijn dit. Vreemd om zulke instructies te geven en vermoedelijk nog veel vreemder voor kinderen om zulke opdrachten mee te krijgen. Ze zijn gewoon om als jonge hondjes te stoeien, elkaar achterna te rennen en huilend naar huis te rennen als er weer eens een vuist of voet onbedoeld verkeerd is terechtgekomen.

Maar niet nu. Nu zijn we weer even terug in de jaren vijftig. Dansen mag maar niet te dichtbij. Dat wordt straks nog een flinke ontlading, als het allemaal achter de rug is en iedereen elkaar weer mag aanraken. Ook voor de volwassen kinderen, bedoel ik. Wildvreemden vallen elkaar op straat in de armen, slaan op schouders, knijpen elkaar, besnuffelen elkaar.

Alles zoop en aaide, zal de oude dichter daarna verslag doen van het bevrijdingsfeest. Maar nu nog niet. Nu nog even flink zijn.

Reageren? patrick@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden