null Beeld Sjoukje Bierma
Beeld Sjoukje Bierma

We stonden stil voor Oosterpark 43, bij twee struikelstenen

PlusMaarten Moll

Maarten Moll

Hoe zou het zijn aan een park te wonen?

’s Ochtends de straat over te steken en je tussen de bomen te begeven. De frisse lucht in te ademen. Lekker met je kinderen over het gras rennen.

Ik weet het niet.

We liepen over het trottoir van het Oosterpark.

“Er liggen hier veel stolpersteine,” zei M.

Het was me op deze plek nooit opgevallen. Je moet ze ook maar net zien, deze ‘struikelstenen’, die kleine herdenkingsstenen voor de weggevoerden.

Maar eerst kwamen we langs Hotel Oosterpark, waar we, niet voor de eerste keer, door de ramen op de begane grond de ontbijtzaal in gluurden.

Waar weer niemand zat.

“Ik heb hier nog nooit iemand binnen zien zitten,” zei M.

“Ik ook niet,” zei ik.

“Zou het wel een hotel zijn?” vroeg M. zich af.

We liepen verder.

“Wie er naar binnen gaat, komt er vast nooit weer uit,” mompelde ik.

“Nu al met de Top2000 bezig?” zei M.

“Huh?” zei ik.

Hotel California, sufferd,” zei M.

“O ja,” zei ik.

Ik grinnikte.

Even later stonden we stil voor Oosterpark 43. Bij twee struikelstenen.

‘Hier woonde Hartog Kuijt. Geb. 1877.’

‘Hier woonde Rebecca Kuijt-De Vries. Geb. 1879.’

De vier regels onder hun namen zijn dezelfde:

‘Gedeporteerd 1943
Uit Drancy
Vermoord 12-2-1943
Auschwitz.’

Ze woonden tegenover het park. Wanneer zouden ze voor het laatst in het Oosterpark hebben gelopen?

Opnieuw dat peilloze onbegrip bij wat we op die kleine betonnen stenen met het messing plaatje lazen. Zo weinig woorden met zoveel zeggingskracht.

Eerst ergens gevangen genomen, dan naar Drancy gedeporteerd, en dan de dodentrein naar Polen. Welke herinneringen aan het park reisden met hen mee?

Iets van troost, als je dat zo mag zeggen, dat ze wellicht tot kort voor hun dood bij elkaar zijn geweest.

Drancy zei me niets.

Ik zocht op mijn telefoon.

Een Durchgangslager, ten noorden van Parijs. Onder leiding van de beruchte Alois Brunner, maar die kwam pas toen Hartog en Rebecca al in Auschwitz waren vermoord. Kale betonnen gebouwen zonder glas in de ramen. Stro op de vloer. Bijna geen sanitaire voorzieningen. Weinig eten. Aldus overlever Leo Bretholz, die uit de trein naar Auschwitz sprong.

Bijna 65.000 Joden werden er vanuit Drancy gedeporteerd.

We staken de weg over en liepen een stukje door het Oosterpark.

Nu zat Hotel California in mijn kop. Heel irritant.

Bij Bukowski dronken we koffie.

Ik zocht nog even verder.

Ze hadden drie zonen, Hartog en Rebecca.

Ook alle drie in 1943 vermoord. Eén, Sal, in Blechhammer, twee, Jonas en Barend, in Auschwitz. Vier maanden na hun ouders.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden