Plus Column

We staan met zijn allen midden in zijn ­leven, overvalt de realisatie mij in ene

Pepijn Lanen Beeld Corné van der Stelt

Het is vroeg op de dag wanneer Gijs tegen me zegt dat ik weer van voor af aan moet beginnen. Ik wist al dat er iets niet klopte en ik wist niet wat het was, dus daarom negeerde ik het en probeerde er omheen te werken. Maar het kasteel dat ik steeds met plakband gerepareerd had, moest een keer ­komen te vallen en daar heb ik vrede mee.

Ik heb eigenlijk wel zin om weer helemaal opnieuw te beginnen. Ik loop de trap af en kan meteen stemmen in een nabijgelegen lokaal. Ik maak een cirkeltje rood en loop naar buiten waar de zon schijnt. In het Stedelijk Museum is een overzichtstentoonstelling over De Stijl.

Er staat iets over een kunstenaar die kleuren aanbrengt zoals de dichters hun woorden neerzetten. Zonder achterliggende gedachte. Direct vanuit het gevoel. Ik doe dat ook, vind ik nu. Maar dan weer niet met kleuren maar wel met woorden.

Boven is nog een overzichtstentoonstelling, ditmaal van Ed van der Elsken. Ik baan me een weg door zijn immense body of work. Het is erg druk. ­Iedereen wijst naar foto's die op plekken gemaakt zijn die ze herkennen en ik ben even van slag.

Ik dacht dat ik de enige was die het werk van Van der Elsken kende en op die plekken op de foto's ook mijn leven weleens had geleden. Niet echt, maar toch wel. We staan met zijn allen midden in zijn ­leven, overvalt de realisatie mij in ene. Dit wil ik ook.

Ed is vijftien keer in Japan geweest en heeft ­foto's gemaakt van Yakuza, transseksuelen en de directeur van Sony met twee transistorradio's. Hij was in Parijs en hij was in Centraal Afrika. Hij schoot een hele museumwand vol met iconische portretten van nog iconischere jazzmuzikanten.

Hij fietst door hetzelfde Amsterdam als waar we wonen, maar dan toch net niet. De zon schijnt als hij over het oude Waterlooplein slingert. Hij filmt twee meisjes die bij de tramhalte staan te wachten. De stad lijkt nog drukker dan nu.

Ed ligt op een vloer en tegen een muur aan, volledig gemaakt van foto's van hemzelf, die in de veiligheid hun waarde bijna verliezen, maar, doordat dit ook weer een foto is geworden, het weer nog specialer maken. Ik maak veel te weinig. Ik moet veel meer maken.

Voor de deur van het lunchrestaurant moet ik nog even bellen. Het project met Kevin gaat helaas niet door. Het verrast me niet maar toch is het jammer. De zon schijnt nog steeds.

Eenmaal binnen drink ik een glaasje chablis en eet ik een zeetong om te vieren dat we twee heer­lijke jaren getrouwd zijn. Ik maak ook een vlek op het overhemd dat ik voor het eerst sinds de trouwerij weer een keer aan heb ­getrokken, want zo ben ik.

Gisteravond wist ik ineens helemaal niet meer waar ik mee bezig was. "Dat maakt toch helemaal niet uit schatje," zei ze toen en het duurde even, maar nu ben ik er.

Pepijn Lanen (1982), ook bekend als Faberyayo, is rapper, schrijver en tekstschrijver van onder meer De Jeugd van Tegenwoordig en LeLe. Elke zaterdag schrijft hij een column voor Het Parool. In het archief lees je ze allemaal terug.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden