James Worthy.Beeld Agata Nowicka

‘We gaan weer in de zee schuilen,’ zegt zijn dochtertje

PlusJames Worthy

Mijn neef zegt dat het vuur gisteren zo dichtbij kwam dat hij in de zee moest schuilen. 

“En de haaien dan?” vraag ik, omdat ik weet dat er haaien in die zee zwemmen. Ik heb ze zelf gezien toen ik een paar jaar geleden bij hem op bezoek was.

“Sommige dingen zijn enger dan haaien.”

Ik was in Australië voor zijn bruiloft. Op de dag voor het feest zaten we samen in een kano toen we een ­haaienvin zagen. De haai kwam naast ons zwemmen.

“Wat moeten we doen?” fluisterde ik.

“Respect hebben. Meer niet,” zei mijn neef.

Het was niet heel moeilijk om respect voor de haai te hebben. Het was een prachtig beest. Sierlijk en glad als een nachtclubdanseres in een leren broek.

Ik weet nog goed dat mijn neef niet bang was. Ik denk omdat hij de volgende dag ging trouwen. Sommige ­dingen zijn enger dan haaien.

Na het kanoën gingen we golfen. Ik had het nog nooit gedaan, maar ik deed mijn best om de bal op de baan te houden, omdat er giftige slangen in het hoge gras lagen. Op de zevende hole stond een volwassen kangoeroe. Ik probeerde de bal over het beest heen te wippen, maar dat mislukte. Het witte balletje vloog tegen de kangoeroe aan, maar het beest bleef rustig staan.

“Wat moet ik doen? Moet ik mijn balletje gaan halen?” vroeg ik.

“Het enige wat je moet doen, is respect hebben. Meer niet.”

Het was niet heel moeilijk om respect voor de kangoeroe te hebben. Hoe dat beest daar stond. Onwankelbaar en harig, als de portier van een nachtclub.

Die avond dronken we bier in een kroeg. Mijn neef ging iets voor twaalf uur naar huis, maar ik wilde nog niet terug naar het hotel. Ik bleef zitten en raakte aan de praat met een oorspronkelijke bewoner.

“Als de kolonisten ons land niet hadden gestolen, was ik nu geen alcoholist.” Hij vertelde verhalen over vroeger. Heel vroeger. Over hoe zijn voorvaderen voor de kolonisten werkten en dat ze alleen maar in alcohol uitbetaald kregen. De kolonisten voerden de oorspronkelijke bewoners dronken en moedigden hen aan om met elkaar te vechten. En hij vertelde over de vrouwen die alcohol kregen voor seks, zwanger werden en een gestolen generatie op de wereld zetten.

De volgende ochtend trouwde mijn neef in een wijngaard.

Ik ben nog steeds met mijn neef aan het telefoneren. Hij staat op het dak van zijn huis. In de verte ziet hij de vlammen. De geur van brandende spinnenwebben. Hij roept zijn vrouw en kinderen bij elkaar en zegt dat ze weer naar de kust gaan. De vlammen komen inmiddels zo hoog dat ze de zon laten zweten.

“We gaan weer in de zee schuilen,” zegt zijn dochtertje. Een autodeur wordt dichtgeslagen.

“Ben je niet bang voor de haaien dan?” vraag ik.

“Nee hoor, oom, de haaien hebben het vuur niet aangestoken.”

De in Amsterdam geboren en getogen schrijver James Worthy (1980) probeert in zijn columns iets van het leven te begrijpen. Lees al zijn columns hier terug.

Reageren? james@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden