Maarten Moll. Beeld Sjoukje Bierma
Maarten Moll.Beeld Sjoukje Bierma

Wat was dat voor een tuinman, die Wolkers?

PlusMaarten Moll

Hij had natuurlijk een grote waffel, die Jan Wolkers.

En het was een man die zijn handjes duchtig liet wapperen, bijvoorbeeld als je al die verhalen leest hoe hij tekeerging in zijn tuin op Amstelglorie. Het met de kruiwagen af- en aanvoeren van planten en grond en andere materialen. Al dat gewroet in de aarde.

Maandag citeerde ik uit zijn dagboek, 20 april 1973: ‘In het tuintje zet ik de dahliabollen in de grond.’

Dat heb ik – eigenlijk Jan Wolkers, maar die kan dit niet meer lezen – geweten.

Mijn vader appte: ‘Hij was veel te vroeg, die Wolkers.’

Uit Lisse mailde de zoon van een bollenkweker (een hard bestaan, leer ik uit zijn verhaal) dat dahlia’s geen bollen zijn, maar knollen. ‘Wolkers wist het dus ook niet.’

Mijn vader, een paar minuten na Lisse: ‘En het zijn knollen, geen bollen. Knollen. Wat was dat voor een tuinman, die Wolkers?’

En tuinbewerker J., zoals ze zichzelf omschrijft: ‘Laat je niet opnaaien door de verhalen van Wolkers! Hij is een opschepper. Ook in volkstuinen.’

Mijn vader: ‘En je mag die knollen pas na ijsheiligen de grond in doen.’

Waar een collega me even later ook op wees. Stond op het zakje dat ze had besteld.

Wat Driekoningen is voor de kerstboom (dan móet ie de deur uit), is ijsheiligen voor de dahliaknol (dan móet ie de grond in). Ik moest dat even opzoeken, ijsheiligen.

Het blijkt een van de ‘oudste en wellicht bekendste begrippen uit de volksweerkunde’. Het gaat om de periode tussen 11 en 15 mei (de naamdagen van de ijsheiligen), en de kans op nachtvorst na die periode wordt als uiterst klein ingeschat.

Je leert nog eens wat tijdens het verblijf in het tuinhuisje van Jan Wolkers hier op Amstelglorie.

Dan was er ook nog een lezer die terugkwam op de Japanse duizendknoop (Wolkers in zijn dagboek: ‘die we met zoveel moeite uit het Amstelpark hebben gegapt’). In Dagboek 1976 schrijft Jan Wolkers dat hij voor zijn huis in de Zomerdijkstraat in de Rivierenbuurt ook Japanse duizendknoop heeft geplant, ‘uit Ermelo’. Wat Jan Wolkers met Ermelo had, wilde de lezer weten, want zelf had hij daar toen ook gewoond. Wist ik dat?

Omdat ik in een Wolkersarchief zit, alle boeken van hem staan hier in de kast, was ik deze lezer ter wille en vond ik dat de ouders van Wolkers’ vrouw Karina toen in Ermelo woonden.

Weer een raadsel opgelost. (Nog meer vragen?)

En op mijn vraag waar ik dahliabollen kon kopen – ja, het zijn dus knollen:

‘U moet bij Geerlings in Heemstede zijn.’

‘De Gebr. Van Kesteren. Aan de provinciale weg bij Lisse.’

‘Verkrijgbaar bij Odin in de Czaar Peterstraat.’

‘Dahliaknollen koop je bij Het Oosten in Aalsmeer. Ga dan ook even naar de wonderlijke koivissen kijken die je voor 50 cent mag voeren.’

Knollen, geen bollen, knollen! (Hoor je het, Jan?)

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden