Marcel Levi Beeld Artur Krynicki

Wat een witte jas voor een dokter doet

Plus Marcel Levi

Dokters begonnen met het dragen van een witte jas in de negentiende eeuw om zichzelf te onderscheiden van kwakzalvers en charlatans. Tot de dag van vandaag wordt de witte jas geassocieerd met medische geleerdheid en autoriteit en tegelijkertijd met ­intimidatie en afstand tussen arts en patiënt. Om die laatste reden dragen psychiaters en kinderartsen meestal geen witte jas en laten huisartsen hem sinds de jaren zestig ook aan de kapstok hangen.

Los van de status vinden ­medisch studenten en beginnende dokters een witte jas ­handig omdat ze in de zakken massieve hoeveelheden opschrijfboekjes, kaartjes met handzame informatie en geheugensteuntjes, pennen, stemvorken, oorkijkers, reflexhamers en natuurlijk ­hun stethoscoop kunnen meezeulen.

Net als brugklassers met een zwaar overbeladen rugzak kun je de aspirant-artsen in het ­ziekenhuis onmiddellijk herkennen aan volgestopte en sterk uitpuilende witte jaszakken.

De witte jas beschermt de dokter tegen bloed en andere rondvliegende lichaamsmaterialen van patiënten. Maar veel dokters die voornamelijk achter een bureau zitten of werken op afdelingen waar weinig gespetterd wordt, dragen ook een witte jas.

Als ­internist ben ik zo’n dokter en vaak dacht ik dat ik vooral een witte jas aan had om mezelf te beschermen tegen gemorste koffie. Ondanks de steriele uitstraling biedt de witte jas geen ­bescherming tegen de overdracht van ziekenhuisinfecties. Integendeel: witte jassen zijn beruchte broeinesten van bacteriën en schimmels. Dat komt ook doordat dokters hun jas gemiddeld minder dan eens per tien dagen laten wassen.

In Engeland draagt geen enkele arts een witte jas of ander uniform, behalve op de operatiekamer en op afdelingen als de intensive care. De meeste dokters werken in hun gewone kleren en zijn verplicht de ­mouwen boven de ellebogen op te stropen om goede hand- en onderarmhygiëne mogelijk te maken. Een stropdas is (gelukkig) verboden, want er is geen betere manier om ziekenhuisbacteriën te verspreiden dan via deze zwabberende sliert.

Met of zonder witte jas is er nogal wat discussie over wat ­de dresscode is als je met patiënten werkt. In een aantal onderzoeken werden foto’s van dezelfde arts met verschillende kledingstijlen aan patiënten voorgelegd. Het vertrouwen van patiënten in de professionaliteit van de dokter bleek sterk afhankelijk van de kledingkeuze.

Bij mannelijke artsen was er een voorkeur voor een overhemd en nette schoenen en bij vrouwelijke artsen een blouse en elegante schoenen met een lage hak. Patiënten hadden minder vertrouwen in dokters in jeans en op sportschoenen.

En de meeste patiënten wilden liever helemaal niet behandeld worden door dokters met paars haar, een Supermanshirt, overdreven tatoeages of scheuren in de kleding. Iedereen moet natuurlijk zelf maar kiezen hoe hij eruit ziet, maar er zijn moeilijker manieren om vertrouwen te winnen.

Marcel Levi is ceo van University College London Hospitals. Daarvoor was hij bestuursvoorzitter van het AMC.

Reageren? m.levi@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden