Plus Column

Wat deed ík toen ik 19 was?

Pepijn Lanen Beeld Corné van der Stelt

Ik stap in de auto en wens de chauffeur een hele goede dag toe. Hij zegt dat ik de eerste ben die de dag goed genoemd heeft vandaag. Ik kijk uit het raampje en zie vies kutweer, verder is de stad gewoon de stad.

Het vieze kutweer is ook niet per se viezer of kutter dan weer wat de stad gewoon is, vanuit historisch perspectief.

De chauffeur, of ikzelf, zegt dat mensen veel zeuren en dat het misschien niet altijd even nodig is. Hij vertelt dat hij volgend jaar een opleiding gaat volgen als vliegtuigbouwkundig ingenieur. Als hij niet studeert rijdt hij mensen. Het was niet eenvoudig om ertussen te komen; het eerste wat ze hem vroegen was naar zijn werkervaring. Gelukkig kon hij ze vertellen dat hij met zijn negentien jaren al zijn eigen bedrijf heeft.

Ik vertel hem dat ik versteld sta en probeer te bedenken wat ik deed toen ik negentien was. Ik had in ieder geval geen eigen bedrijf, en al helemaal geen toekomstplannen.

Het was de zomer dat ik mijn diploma had gehaald. Toen ik voor mijn negentiende verjaardag met de broer van Jeroentje naar Dance Valley ging, waar ik Bas tegen was gekomen die op de fiets was, wat ik belachelijk vond. Toen we aan het einde van het festival door de stromende regen naar huis moesten lopen omdat de pendelbussen niet reden.

Ik werkte op een kantoor en de aanslagen in New York waren op de radio. Totaal verbijsterd keken we tot diep in de nacht naar de beelden op alle televisiezenders. Mijn broer zei dat de Derde Wereldoorlog begonnen was.

Dat was toen toch niet zo, maar misschien toch ook wel weer wel.
Ik vloog met Jeroentje naar Zuidoost-Azië en we dronken Thaise whiskey met Amerikaanse cola en we zagen pingpongballen verschijnen in Patpong en we schoten met machinegeweren in Phnom-Penh en ik liep een marsfractuur in mijn rechtervoet op.

Nicole Kidman en Russell Crowe wonnen toch geen Oscars en ik verbrandde voor het eerst van mijn leven zo erg dat ik er nachtmerries van kreeg. Het jaar dat ik een blauwe maandag versleet als ­beach boy bij Sydney in de buurt en alleen maar in een zwembroek wiet rookte en heel veel Kool G Rap en Nas luisterde en Snoop eindelijk leerde herwaarderen. Ik kwam erachter dat je geld maar één keer uit kunt geven en wat prioriteiten zijn en dat je die moet stellen.

Pim was doodgeschoten las ik in een e-mail, maar er was nog geen Facebook dus dat was dat. Mijn vader ging mijn eerste keer voor me stemmen, want ik was in Indonesië, hetzelfde als ik nu weer ga stemmen. Hetzelfde als hij ook ging stemmen.

De chauffeur vertelt dat hij in de zomer graag naar Zuid-Frankrijk rijdt, of Andorra. We hebben echt geluk dat we dat allemaal mogen hier, zegt hij. "Ja man," zeg ik, "mensen moeten niet zo zeuren!"

Pepijn Lanen (1982), ook bekend als Faberyayo, is rapper, schrijver en tekstschrijver van onder meer De Jeugd van Tegenwoordig en LeLe. Elke zaterdag schrijft hij een column voor Het Parool. In het archief lees je ze allemaal terug.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden