James Worthy.Beeld Agata Nowicka

Waarom zijn boeken niet gratis voor kinderen?

PlusJames Worthy

Ik sta voor een klas middelbare scholieren. Ik tel zestien koppen en vijftien lege stoelen. Een meisje op de tweede rij probeert het wereldrecord ‘hard zuchten’ te verbreken. Een jongen met stekeltjeshaar gaat met een wijsvinger van de ene kant van zijn nek naar de andere.

“Milan, we gaan deze aardige meneer niet bedreigen,” zegt de lerares die achter in de klas op een tafeltje zit.

“Maar ik heb dingen te doen, juf,” zegt Milan.

“Die dingen kunnen wachten.”

“Dat is uw mentaliteit. Ik wacht niet. Ik ben op zaken doen. Heb je gezien op wat voor schoenen ik loop? Op dit soort schoenen loop je niet als je denkt dat dingen wel even kunnen wachten. Begrijpt u?”

“Hallo mijn naam is James en ik ben schrijver. Ik heb een aantal boeken geschreven en ik schrijf drie keer per week een column voor de mooiste krant van de wereld.”

Het meisje zucht nu zo hard dat er mensen binnen­komen die een gouden medaille om haar nek hangen. Ze is de luidste zuchter van de wereld.

“Waarom zucht je?” vraag ik.

“Niemand leest kranten.”

“Daar geloof ik niets van. Wie leest weleens een krant? Steek maar een vinger op als je weleens een krant leest.”

Er gaan nul vingers de lucht in. Zelfs die van de juf blijft naar beneden.

“Juf, leest u nooit een krant?”

“Ik heb gewoon geen geld voor een abonnement. Ik betaal mijn vaste lasten en dan blijft er maar een klein bedrag over. Met dat geld betaal ik Netflix en de sportschool.”

“En boeken, wie leest er graag?” vraag ik.

Een meisje achter in de klas steekt haar vinger omhoog. De andere kinderen lachen haar uit en noemen haar slijmbal en uitslover. Ze steekt twee middelvingers de lucht in en haalt haar schouders op.

“En waarom lees je zo graag?”

“Boeken sluiten niemand buiten. Er is geen deur­beleid. Geen vriendjespolitiek. Er zijn geen douane­posten. Iedereen is gelijk. Niets is zo welkom als een verhaal.”

“Dat is niet waar. Als ik een boekenwinkel binnenloop, kijken de verkopers raar. Dan heb ik al geen zin meer. Ik voel me juist nooit welkom als ik in de buurt van boeken ben. Neem bibliotheken. Waarom moet je daar stil zijn? Ik vind dat eng, man. Het is bijna religieus of zo,” zegt Milan.

Hij stopt zijn handen in de zakken van zijn capuchontrui en gaat rechtop zitten.

“En boeken zijn echt duur, meneer. Mijn vader en moeder hebben niet veel. We eten drie keer per week rijst met ei. Ik draag de oude schoenen van mijn grote broer. Er is geen geld voor boeken,” zegt de jongen die naast Milan zit.

“Waarom zijn boeken niet gewoon gratis voor kinderen van onder de achttien? Ik hang veel op straat en dealers doen dat ook. De eerste paar keer hoef je niets te betalen. Dat is hoe je mensen enthousiast maakt, toch? Kan dat niet met boeken? Dat ik twaalf gratis boeken per jaar krijg. Tot mijn achttiende? Zo maak je me verslaafd aan lezen,” lacht Milan.

“Dat is een prima idee. Ik zal morgen een balletje opgooien in de krant.”

“Maar niemand leest nog kranten,” zegt de juf.

Ik zucht de hardste zucht die ik ooit heb gezucht. Er komen weer mensen binnen. Ze hangen een bronzen medaille om mijn nek.

De in Amsterdam geboren en getogen schrijver James Worthy (1980) probeert in zijn columns iets van het leven te begrijpen. Lees al zijn columns hier terug.

Reageren? james@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden