Theodor Holman. Beeld Artur Krynicki
Theodor Holman.Beeld Artur Krynicki

Waarom trap ik hier steeds weer in, dacht Poetin

PlusTheodor Holman

Theodor Holman

Poetin zit achter zijn tafel. De generale staf zit tegenover hem.

“Hoe is het in godsnaam mogelijk dat er twee militairen bases zijn aangevallen?”

“Dat is eigenlijk een overwinning voor ons, kameraad Poetin. Het is ons gelukt de schade te beperken. In feite, kun je zeggen, is hun aanslag mislukt.”

“Maar hoe zijn ze bij de basis gekomen?”

“Dat hebben we expres laten gebeuren, kameraad. Om te kijken of we in staat waren zo’n aanval te neutraliseren.”

“En als we dat niet konden?”

“Dan hadden we tijd genoeg om de daders te arresteren.”

“Waarom hebben jullie dat nou niet gedaan?”

“Om ze in de gaten te houden, kameraad. Zo blijven we goed op de hoogte… We hebben ze 24/7 in het vizier.”

Ik moet niet achterdochtig zijn, dacht Poetin, daar zijn alle grote leiders vroeg of laat op gestrand.

“Hoe gaat het met de bombardementen op Oekraïne?”

“Ons doel, het demoraliseren van de bevolking lukt ons steeds beter. We weten vaker energie- en elektriciteitscentrales uit te schakelen. Half Oekraïne heeft geen elektriciteit meer.”

“Maar binnen een paar dagen hebben ze weer elektriciteit.”

“Propaganda, kameraad. Het duurt niet lang meer en dan zal de bevolking van Oekraïne ons smeken Russisch te worden.”

“Hoe zit het met onze voorraad wapens?”

“We kunnen wel tien legers bewapenen, kameraad.”

“Waarom gebruiken we die wapens dan niet?”

“We moeten onze eigen mensen niet onnodig de dood insturen, kameraad. Tactiek en strategie zijn alles.”

“Stuur toch meer mensen en wapens.”

“Doen we al. De overwinning ligt binnen handbereik.”

Waarom trap ik hier steeds weer in, dacht Poetin. Hij zuchtte en wist: ik kan ook niet meer terug, ik weet het. Geef ik op, dan ben ik dood.

“Ik wil weten waarom het buitenland zegt dat ons leger zo zwak is,” zei Poetin.

“Propaganda, kameraad. Wij zeggen hetzelfde over hun legers.”

“Maar hoe komt het dan dat hun propaganda zo goed is?”

“Onze propaganda is beter. Een meerderheid van de wereld staat nog achter ons, gelooft ons onvoorwaardelijk. Ons volk trouwens ook.”

“Is onze propaganda werkelijk zo goed?”

“Ach kameraad Poetin. Die oorlog met Oekraïne is al in de meeste Europese landen naar de achtergrond gedrongen. Het speelt niet meer zo’n rol, terwijl wij daar ook aan het winnen zijn. Dat ze het in bijvoorbeeld Amsterdam koud hebben en fors armer worden, komt door ons. We winnen op alle fronten!”

Laat ik het ook maar geloven, dacht Poetin.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden