Plus Marcel Levi

Waarom moeten we zelfs hartje winter frambozen kunnen eten?

Marcel Levi Beeld Artur Krynicki

Tijdens een fijne vakantie op het platteland in Italië had ik een stel vrienden te logeren. Een van hen is een fervente hobby-kokkin en stelde voor de laatste avond een feestelijke maaltijd te bereiden. De boodschappenlijst bevatte avocado’s voor het voorgerecht, koriander voor een sausje bij de vis en kiwi’s voor een ingewikkeld toetje. De grote supermarkten in de naburige dorpen zijn goed gesorteerd, maar konden geen van allen tegemoetkomen aan dit verlanglijstje.

Dat komt doordat in Italië de winkels over het algemeen alleen spullen verkopen die dat seizoen in de regio zelf worden geproduceerd. En daar is helemaal niks verkeerd aan. Het zorgt voor afwisseling in beschikbaarheid van verse groente en fruit, dat houdt plezierig gelijke tred met de seizoenen.

Er is zelfs een nationaal project genaamd ‘KM-0 (zero)’ dat erop gericht is alleen regionaal geproduceerde seizoensproducten te verkopen. Iedereen die een tijdje in een land heeft gewoond met het hele jaar door hetzelfde weer, weet hoe saai dat is en hoe fijn echte lentes of een winterperiode kunnen zijn. Met de bijbehorende groente en fruit van dat seizoen.

Waar komt toch die malle wens vandaan dat we het hele jaar, zelfs hartje winter, frambozen moeten kunnen eten? Of bij 25 graden in de zomer een kennelijk onblusbare wens hebben om prei of witlof te kopen?

In Nederland wordt een flink aantal verschillende groenten en fruit verbouwd. Aangevuld met wat mandarijnen en sinaasappels uit het Middellandse Zeegebied kun je daar een prima en afwisselend dagelijks dieet mee opbouwen.

Hebben we echt al die kiwi’s uit Nieuw-Zeeland, oversized grapefruits uit Zuid-Afrika en passievruchten uit Venezuela nodig? Is dat niet enorme verspilling van vliegkilometers en snelwegdiesel? Mensen die maar zeuren over vliegvakanties en milieubelasting bij het eten van vlees realiseren zich wellicht niet dat hun quinoa businessclass uit Peru en Bolivia is overgevlogen (waar het overigens de landbouwgrond volledig verwoest) en dat mango’s dagelijks met vrachtauto’s en vliegtuigen een hele reis uit Ghana achter de rug hebben. Om over de jetlag van kokosnoten uit Ivoorkust maar te zwijgen.

En dan bewaren we dolma’s voor onze vakantie in Turkije, dadels voor als we een keertje in Marokko zijn en chilipepers voor een trip naar Zuid Amerika. Al dat eten smaakt ook stukken beter als je het in het land zelf kunt eten.

Als je eenmaal een avocado in Mexico hebt geproefd, wil je die tamelijk smakeloze groene pulp met een schilletje uit de Nederlandse supermarkt helemaal niet meer. En die lekkere fendantwijn waar je bij de lunch in Zwitserland zo enthousiast over was, lijkt terug in Nederland op goedkope limonade. Vijgen in februari smaken helemaal niet in Amsterdam (net zo min als decemberspeculaas in Spanje).

Reageren? m.levi@parool.nl 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden