Theodor Holman. Beeld Artur Krynicki
Theodor Holman.Beeld Artur Krynicki

Waarom hecht men toch zo aan idealen?

PlusTheodor Holman

In 1984 bezochten we een dagje Oost-Berlijn. Oost vond ik ‘vervreemdend’, zeker als je uit West-Berlijn kwam. Oost was stil, doods, ouderwets. Na anderhalf uur lopen had ik het eigenlijk wel gezien en wilde ik terug naar het westen.

Opeens ontdekten we een antiquariaat. We gingen naar binnen en tot mijn stomme verbazing zag ik even later in de schappen enkele tientallen Nederlandse Bouquet­reeksboekjes staan. Waarom daar? Waarom Nederlandse Bouquetreeksboekjes en geen Nederlandse literatuur?

Aangezien je toen nog in Oost-Berlijn ­verplicht was een zeker bedrag uit te geven, kocht ik Wilhelm Meisters Lehrjahre van Johann Wolfgang von Goethe, althans dat dacht ik. Terug in ons hotel bleek het helemaal niet het prachtige geschrift van Goethe te zijn, maar een boek vol recensies en essays over de leerjaren van Wilhelm Meister van onder anderen Gottfried Körner, Friedrich Schiller, Wilhelm von Humboldt en ­Friedrich von Schlegel.

Een paar jaar later heb ik dat boek voor een tientje op de redactie verkocht aan Boudewijn Büch, die er zeer mee in zijn nopjes was. Nadat hij mij een tientje had gegeven, riep hij hard over de redactie: “Dit boek is wel tweehonderd gulden waard!”

Voor mij stond dat boek symbool voor Oost-Berlijn. Ik snapte die stad niet zoals ik Parijs, Londen of New York snapte.

Afgelopen week zag ik de Netflixdrama­serie Weissensee. Het beschrijft het leven van twee families in Oost-Berlijn, waarvan er één een Stasifamilie is. Gaat het zien. Het is Romeo en Julia meets Kaïn en Abel.

Mij werd duidelijk dat daar net zo’n oprechte angst heerste voor het kapitalisme als wij – zeker mijn ouders – destijds hadden voor het communisme. Omdat de serie zich afspeelt vlak voor het vallen van de Muur, merk je duidelijk het verval van het communistisch ideaal; je voelt de onafwendbaarheid meer dan dat je die ziet.

Gek genoeg raak ik over de serie niet uit­gedacht. Waarom hecht men toch zo aan idealen, zelfs als men beseft dat het ideaal aan het verpulveren is? Kan een mens niet zonder idealen? En is het verschil tussen het communisme en het kapitalisme niet dat het kapitalisme eigenlijk geen ideaal is, maar meer een natuurlijke gang van zaken?

Uit Wilhelm Meisters Lehrjahre: “Is het niet zo dat veel gebeurtenissen in het begin uiterst zinvol schijnen, maar meestal uit­lopen op iets dwaas?”

“Nu maakt u een grapje,” antwoordt ­Wilhelm dan.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden