Paul Vugts. Beeld Artur Krynicki
Paul Vugts.Beeld Artur Krynicki

Waar houdt het op met de viruswappies?

PlusPaul Vugts

Mijn weekeinddienst bracht me twee keer naar het Museumplein. In de waterkou ageerde daar zaterdagmiddag een paar honderd activisten tegen anti-Aziatisch racisme. Met mondkapjes, uitgewaaierd over de rode stippen in het gras, op anderhalve meter.

Plukjes agenten zagen keuvelend toe. Een politieman van Aziatische origine liet zich door een collega fotograferen tussen een protest met ludieke spreuken (‘I don’t eat dogs, I eat hotdogs’ ) maar een glásheldere boodschap.

Hoe anders was het zondag, bij alweer het dertiende wekelijkse ‘koffie drinken’ van honderden betogers die corona met een griepje vergelijken en de lockdown onzin vinden.

We kennen de beelden van de mobiele eenheid die het Museumplein eerder leeg veegde, gesteund door waterkanonnen en agenten te paard.

‘Dictatuur!’ krijsen dan de lieden die ik het in een dictatuur niet zie opnemen tegen de ordetroepen.

Ik zag eerder hoe de politie op het Museumplein aandoenlijk vaak waarschuwde alvorens op te treden. Je voelt de pijn van de beleidsmakers die het demonstratierecht terecht hoog hebben, maar ja, in deze extreme tijden moeten we afstand bewaren en voorkomen dat ‘spreading events’ corona verder aanjagen.

Ik hoefde geen raketgeleerde te zijn om te bedenken dat het voor mij een rustige zondag zou worden, want de ergste querulanten hebben inmiddels een gebiedsverbod voor het Museumplein en gingen naar Amstelveen – met mijn collega in hun kielzog.

Toch verzamelde zich rond het middaguur alweer héél veel politie op de vaste uitvalsplekken (Nieuwmarkt, Apollolaan). De straten rond het Museumplein stonden vol politiebusjes. In de lucht gonsde een drone.

De pakweg tweehonderd viruswappies (ze omarmen die geuzennaam) klitten demonstratief samen en omhelsden elkaar omstandig. Van twee tot vier, toen ieder zijn weg ging. Kalm, maar in álles anders dan de demonstranten van zaterdag.

Wie je ook aanspreekt, hij moet en zal je een hand geven, heel dichtbij komen en in je gezicht roepen dat ‘het allemaal flauwekul is’.

Schaamt niemand zich tegenover al die zorgverleners die zich het schompes werken om de ramp te keren? Tegenover al die zieken die naar adem snakken? Tegenover degenen die naasten verloren?

Wat mijn portefeuille betreft: schamen ze zich niet vanwege die enorme maatschappelijke kosten doordat die politiemacht elke week moet opdraven, terwijl we de politie écht beter kunnen gebruiken?

Uit de antwoorden rijst steeds weer de omkering van werkelijk álles, waartoe alleen verblinde fundamentalisten in staat zijn. “Beláchelijk toch, al die politie?! Weet je wat dat kóst! Voor zo’n griepje! Omdat ze ons willen onderdrukken! Schrijf dáár eens over!”

Ik had wel weer even genoeg.

Zondag maar weer lekker ‘voetballen’ – met slechts een paar man, op anderhalve meter.

Paul Vugts schrijft elke vrijdag over zijn werk als misdaadverslaggever.

Reageren? paul@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden