Maarten Moll.Beeld Sjoukje Bierma

Vroeger brak ik gesprekken bot af omdat ik naar de Tour moest kijken

PlusMaarten Moll

Ik keek op mijn horloge. Maar ik stond niet op en ik zei ook niets.

Ik bleef zitten op de houten bank voor de Coffee Company. Terwijl ik wist dat de renners ergens tussen Île d’Oléron en Île de Ré aan het fietsen waren en de televisie-uitzending al was begonnen.

De Tour wacht op niemand.

We zagen iemand heel vrolijk naar ons zwaaien. Het was Ric, de lezende fietsenmaker van Segijn en Van Wees. Hij had een dik pak in zijn handen. We nodigden hem uit bij ons te gaan zitten. We herkenden de bruine papieren zak. Het was er een van de Linnaeus Boekhandel – naast ons lag zo’n zelfde zak.

Wat hij had gekocht, wilden we weten, nadat hij zijn mooie, rode vintage Koga had weggezet.

“Ach, wat algemene prak,” zei hij laconiek, en uit de papieren zak haalde hij de nieuwste Japin en het prijswinnende boek van Marieke Lucas Rijneveld.

Zou het hard waaien daar aan de Atlantische kust?

Ric is een nieuwsgierige lezer, hij wil het liefst iets leren van boeken. “Japin is altijd goed, die schrijft over historische figuren. En ik wil graag weten waarom dit boek die grote prijs heeft gewonnen.” Hij hield De avond is ongemak omhoog. “Maar ik moet eerst nog dat boek over die twee Rembrandts uitlezen. Kom, hoe heet het… Het meisje en de geleerde.”

Er werd een nieuwe ronde koffie gehaald.

De renners moesten nu ergens tussen Rochefort en La Rochelle over de wegen denderen.

We hadden het over van alles, dochters die het huis hadden verlaten – “Soms komt er dan eentje aanwaaien, en dan ligt er dus ook vaak een mes met een klodder pindakaas er nog aan gewoon op tafel en het brood ligt er dan open bij en mevrouw is nergens meer te bekennen” – te dure huizen, bouwpakketfietsen, aanlopende buurvrouwen en de boekenclub van Ric (als hij voorzit, siddert iedereen).

Zouden er al waaiers zijn gevormd?

Vroeger keek ik nog veel meer op mijn horloge. Maakte ik afspraken en brak ik gesprekken bot af omdat ik naar de Tour moest kijken. Of naar voetballen. Of naar schaatsen. Vaak fijne gesprekken, met nog meer in het verschiet. “We bellen nog, oké?” (Nooit meer iets geworden.)

Ik heb mijn vader en moeder een keer midden in het Vondelpark achtergelaten.

Het was meer dan genoeglijk, zoals we daar zaten. Zo’n eindeloos rekbare middag. Ric wees op het achterlichtje dat hij onder het zadel had gemonteerd. “Draadje door de buizen geleid naar de naafdynamo. Lekker een beetje klooien.”

Ik zag een visioen van een ontketende Dumoulin.

Ik veerde op.

“Iemand nog koffie?”

De Tour wacht op niemand, maar vandaag liet ik de Tour op mij wachten.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden