Roos Schlikker. Beeld Lin Woldendorp
Roos Schlikker.Beeld Lin Woldendorp

Vroeger antwoordde hij: ‘Rommelig.’ Nu piept Nico: ‘Pijn’

PlusRoos Schlikker

‘Hoi Roos, het dwarreltje van Nico is neer­gezegen, is een enkel rimpeltje in het water geworden.’

Corine heeft me gemaild, mijn tante die hartjesbuttons uitdeelt en de wereld met kinderlijke vrolijkheid tegemoet treedt. Alles wat haar broer niet doet. Nico die zo ernstig is en leeft in een woonvoorziening voor mensen met langdurige psychiatrische kwetsbaarheid.

Een week later rijden we naar hem toe. De berichten waren slecht. Hij zou naast autisme, psychoses en depressies nu ook alzheimer hebben. Het leven trekt zich uit hem terug. Misschien maar goed ook, denk ik stiekem.

“Maar hij heeft best plezier gehad, hoor,” zegt Corine. “Familiezaken vond hij mooi. Én uitvaarten. Van mensen die hij niet kende. Toen mijn oudste geboren was, kwam hij langs met rouwbloemen. Had ie meegenomen van een begrafenis. Dat was wel wat gek.”

In de tuin van de zorghoeve zit een gekromd wezentje. “Dag Nico!” buldert Corine. Het diertje kijkt amper op. Ik hurk naast hem en veeg wat spuug van zijn kin. “O ja. Jij,” mompelt hij. “Hoe gaat het?” vraag ik. Vroeger antwoordde hij dan: “Rommelig,” wat ik accuraat vond. Nu piept Nico: “Pijn.”

Hij heeft buikklachten. Spanning waarschijnlijk, vertelt een verzorgster. Nico wordt oud, lithium en antipsychotica komen harder aan waardoor hij nog meer naar binnen gericht raakt dan normaal. De doses zijn verlaagd zodat hij niet alle contact verliest. Maar minder pillenroes betekent meer stress. “Een moeilijk evenwicht.”

En het was al ingewikkeld. Nico die anders was, tot ergernis van zijn ambitieuze moeder. “Tienen waren niet genoeg,” aldus Corine. “Zij móést een elf uit hem persen. Ging niet. Hoewel…” Nico krijgt een in stukjes gesneden jamboterham. Als een koorddanser die voetje voor voetje tussen hoge gebouwen wiebelt, brengt hij zijn vork richting mond. Ik aarzel of ik moet helpen, maar besluit van niet. De koorddanser verdient waardigheid.

“Nico wist precies wat waar in onze lesboeken stond. Handig,” rebbelt Corine. “Maar onthield hij iets verkeerd, dan ging het er nooit meer uit. Met biologie las hij over gepaarde spieren. Dat zat voorgoed in zijn hoofd als gespaarde pieren.” Ze schatert. “Weet je nog?”

Nico sabbelt met getuite lippen op een broodstukje dat hij eindelijk te pakken heeft. Corine schuift zijn drinkbekerrietje erbij. “Hier. Slobberdeslobber. Is goed voor je. Dan ben je weer gelaafd.”

Opeens gaat er een lichtje aan in het troebelblauw van zijn ogen. “Gelaaaaaafd. Mooi woord. Gebruikt niemand meer. Gek. Al die dode, mooie woorden.” Zijn mondhoeken hangen, toch schemert er plezier in zijn blik. Een seconde. Dan wordt het stil.

Na eindeloos zwijgen nemen we afscheid. Ik aai zacht zijn wang. Corine praat. “Ja Nico, de tand des tijds neemt hapjes en dat is niet vriendelijk. Het leven van de dag valt niet mee. Maar soms zijn er mooie dingen. De zon, die is er voor niks. Denk daar maar aan.”

Als we weglopen, brengt Nico opeens doelgericht zijn hand omhoog. Hij zwaait tot we de hoek om zijn. Het dwarreltje is nog altijd niet neergezegen. Het zweeft. Tot het eindelijk liggen mag.

Roos Schlikker (1975) is journalist en schrijfster van boeken en toneelstukken. Elke zaterdag schrijft ze een column voor Het Parool.

Reageren? r.schlikker@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden