Patrick Meershoek Beeld Artur Krynicki
Patrick MeershoekBeeld Artur Krynicki

Vraag in de politiek om een boterham en je krijgt een rapport

PlusPatrick Meershoek

Zo’n beetje alles wat goed voor ons is, blijkt vroeg of laat slecht voor ons te zijn. Maar over één ding zijn alle geleerden het nog steeds eens: het ontbijt is een onmis­bare maaltijd, zeker voor kinderen in de groei. Een goed begin van de dag geeft scholieren de energie en de focus die zij hard nodig hebben om chocola te maken van wat hun leerkracht daar weer allemaal staat uit te kramen.

Omdat een groot deel van de Amsterdamse kinderen ’s ochtends met een lege of slecht gevulde maag naar school gaat, is het schoolontbijt een terug­kerend onderwerp op de politieke agenda. Om de paar jaar trekt een politieke partij aan de bel om te pleiten voor maatregelen in de vorm van een ontbijt dat door het stadsbestuur moet worden geregeld voor de kinderen die met geeuwhonger in de klas zitten.

Dit keer kwam de vraag van de stadsdeelcommissie in Zuidoost, een stadsdeel waar relatief veel kinderen zonder ontbijt beginnen aan de dag. De GGD waarschuwt dat het overslaan van het ontbijt kan leiden tot een inhaalslag in de vorm van snacks en snoep, en dat zou weer een oorzaak kunnen zijn voor het overgewicht waarmee relatief veel jongeren in het stadsdeel worstelen.

Voor het stadsbestuur is het schoolontbijt een heikel onderwerp. Dat was al zo in 1902 toen in de gemeenteraad stemmen opgingen om de schoolkinderen in de stad van overheidswege te voorzien van een dagelijkse boterham en een paar warme pantoffels. Een meerderheid van de raad vond het toen geen taak voor de gemeente, en eigenlijk wordt er ruim een eeuw later nog steeds zo over gedacht.

Het is niet alleen een principieel standpunt. Het vorige college maakte een noodfonds waarop scholen een beroep konden doen als zij het nodig vonden een ontbijt aan te bieden. Daar werd nauwelijks gebruik van gemaakt. Dat leidde tot de beleidslijn dat het toch echt de verantwoordelijkheid is van de ouders om ’s ochtends een broodje te smeren voor hun kinderen.

Omdat het kinderen betreft, worden vragen over het schoolontbijt nooit afgewimpeld. Ook het verzoek uit Zuidoost leidde tot de belofte door het stads­bestuur van een ‘diepere en nadere verkenning’ van de problematiek. Een onderzoeks­bureau kreeg opdracht met ouders en kinderen te praten over hun ontbijtgedrag, en de verworven kennis te gebruiken voor het ontwikkelen van een ‘interventie’ die moet leiden tot gedragsverandering.

Dat lijkt me nog een hele tijdrovende toer. Maar zo werkt het bestuur nu eenmaal: wie in de politiek vraagt om een boterham met pindakaas krijgt in de loop van anderhalf jaar een bestuurlijke reactie, een analyse, nog een bestuurlijke reactie en een rapport met aanbevelingen voor het begin van een mogelijke oplossing. Het blijft jammer, ook voor de kinderen met een rammelende maag, dat we al dat papier niet kunnen eten.

patrick@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden