Theodor Holman Beeld Artur Krynicki

‘Voorzichtig’ zijn met conclusies, zeggen Boven Ons Gestelden

Plus Theodor Holman

Het is een vreeswekkend zelfstandig naamwoord: Het Kwaad.

Het Kwaad is een verschrikking die je kwaad maakt.

Is het de actualiteit die zich, ook in mijn persoonlijk leven, voordoet als een puzzel die ik niet opgelost krijg, of is het mijn leeftijd? Het Kwaad lijkt zich namelijk te kwadrateren.

Ik was kwaad, werd kwader, toen werd ik kwaad op Het Kwaad en toen dacht ik: teringtyfusgodverdomme! Maar zelfs dat bracht geen oplossing.

Het engste aan Het Kwaad is de moedwil.

Binnen een week: zomaar een aanslag in Parijs en eergisteren zomaar in Hessen. Een man stal een truck en boorde zich in enkele auto’s die voor een stoplicht stonden.

Dat is Het Kwaad. Willekeur als wapen.

De onmiddellijke reactie van de Boven Ons Gestelden is tegenwoordig om ‘voorzichtig’ te zijn met ‘het trekken van conclusies’. Ze bedoelen daarmee dat je niet direct moet beweren dat het fanatieke moslims zijn, want het kan ook zijn dat het iemand is die een psychose heeft.

Het verschil tussen het een en het ander is namelijk Het Kwaad.

Een psychoticus is tragisch, een fanatieke moslim is een terrorist die welbewust schade wil toebrengen.

Voortdurend wordt de vraag gesteld: is het geradicaliseerd raken niet een teken van een psychose?

Twee keer heb ik iemand gekend die een psychose meemaakte. De ene was de schrijver A. Moonen, de tweede was een buurman. Hun handelingen waren onberedeneerd; hun agressie jegens de buitenwereld leek op agressie jegens zichzelf; de ander pijn doen, was zichzelf verwonden. Waarom wisten ze niet. Aan de reden van hun gedrag ging geen keten van logische overwegingen vooraf.

De fanaticus daarentegen heeft een ideaal – meestal godsdienstig – dat hij op alle mogelijke manieren zo snel als maar kan wil bewerkstelligen. Hij heeft wel degelijk gegronde redenen!

Hij kiest voor Het Kwaad, om held te worden voor zijn geloofsgenoten.

Onze redelijkheid is in de ogen van Het Kwaad het kwaad. Ons doden vindt hij redelijk.

In New York sprak ik in 2003 ene Jim die zijn vader had verloren bij de aanslag op de Twin Towers. Voor zijn vader was de aanslag toeval. Voor de aanslagplegers niet.

“Evil,” zei hij, “is een onzichtbare draak.”

“Hoe versla je een draak?”, vroeg ik hem.

Hij haalde zijn schouders op.

Een vriend van mij riep een jaar later ‘Genade! Genade!’ tegen zo’n draak.

Dat hielp ook niet.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden