Marcel Levi. Beeld Artur Krynicki
Marcel Levi.Beeld Artur Krynicki

Voor elke oplossing een nieuw probleem, dus investeer in kennis

PlusMarcel Levi

De eerste elektrische voertuigen stammen al uit de 19de eeuw waarbij de Schot Robert Anderson als eerste zijn koets liet aandrijven door energie uit batterijen. Rond 1900 waren bijna alle auto’s elektrisch, totdat in de jaren daarna de brandstofmotor beter werd en de overhand nam in de auto-industrie.

De brandstofmotor in het verkeer is verantwoordelijk voor een kwart van de CO2-uitstoot met ernstige schadelijke milieueffecten. Voor een groenere wereld is het gebruik van uitstootloze elektrische auto’s dus een belangrijke stap. Inmiddels zijn er al meer dan 200.000 elektrische auto’s in Nederland. De Europese Unie hoopt dat er al in 2030 dertig miljoen elektrische auto’s rondrijden en in het Nederlandse Energieakkoord staat dat over vijftien jaar alleen nog maar emissievrije auto’s mogen worden verkocht.

Een van de grote verschillen tussen benzineauto’s en elektrische auto’s is de accu. Conventionele accu’s in auto’s die op benzine rijden zijn gebaseerd op loodplaatjes die in zwavelzuur hangen. Deze twee stoffen gaan een chemische reactie aan en daarbij komt elektriciteit vrij, die je vervolgens kunt gebruiken om de elektronica van je auto te bedienen of om te starten. Bij een elektrische auto daarentegen zijn zwaardere accu’s nodig en wordt gebruikgemaakt van honderden lithiumcellen om energie te genereren en op te slaan. De lithium reageert met koolstof in grafietplaten en dat levert dan stroom op.

Geen accu heeft het eeuwige leven. Afhankelijk van het gebruik zijn ze na ongeveer tien tot vijftien jaar wel uitgewerkt. Geen ramp voor een gewone auto, want voor honderd euro heb je een nieuwe accu. Daarentegen ben je voor een nieuwe accu voor een elektrische auto al snel 10.000 euro kwijt.

Er is echter nog een groter pijnpuntje. Opgebruikte accu’s zijn razend slecht voor het milieu. Daarom worden vrijwel alle conventionele accu’s relatief eenvoudig en efficiënt gerecycled, zodat er nauwelijks milieueffecten zijn. Maar voor lithium­accu’s is dit veel ingewikkelder, arbeidsintensief en zelfs tamelijk gevaarlijk met kans op explosie en brand.

Op dit moment wordt minder dan 5 procent van de lithium­accu’s gerecycled en veroorzaakt dumping of opslag problemen zoals bodem- en watervervuiling. Recycling zou ook de noodzaak verminderen om telkens nieuwe lithium op te graven, op zichzelf een sterk milieubelastende activiteit.

Nissan, Volkswagen en Renault bouwen aan faciliteiten voor recycling van lithiumion­accu’s maar de capaciteit is sterk beperkt tot enkele duizenden versleten batterijen per jaar dus bij lange na niet genoeg voor de lawine aan miljoenen opgebruikte accu’s die op ons afkomt.

En zo is er voor elke oplossing onmiddellijk weer een nieuw probleem. En dat is precies waarom we voortdurende investering in nieuwe kennis nodig hebben, want de wetenschap zal ongetwijfeld weer een manier verzinnen om ook het recyclen van lithiumaccu’s makkelijker te maken.

Marcel Levi is voorzitter van de raad van bestuur van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO). Daarvoor was hij ceo van University College London Hospitals en bestuursvoorzitter van het AMC. Lees al zijn columns hier terug.

Reageren? m.levi@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden