Theodor Holman. Beeld Artur Krynicki
Theodor Holman.Beeld Artur Krynicki

Verhuizen na zijn dood, terug naar de stad

PlusTheodor Holman

Twee maanden na zijn dood werd ze wakker, ze huilde en dacht: ik moet door en doen wat ik wil. Alles rond zijn overlijden was min of meer geregeld.

Maar wat wilde ze?

Er was een gedachte. Die durfde ze aanvankelijk niet toe te laten, maar uiteindelijk sprak ze hem hardop uit: “Ik wil verhuizen. Naar de stad.” Onmiddellijk werd ze overspoeld door een golf van schuldgevoel. Tegenover hem, al was hij dood, maar ook tegenover haar buren, die ze al een jaar of twintig kende, die ongelooflijk lief voor haar waren geweest en van wie ze dan afscheid moest nemen. Ze voelde zich daardoor een verrader en ze verbeeldde zich hoe ze het zou vertellen.

“Ik ga het huis verkopen en dan naar de stad.”

“Waarom?” zouden ze vragen.

Daar had ze geen goed antwoord op, behalve dan: “Omdat ik dat wil. Omdat ik verlang naar de Kalverstraat, het Vondelpark, het Rijksmuseum, de Nicolaas Maesstraat…”

“En als je dan ziek wordt?’’

Ze zou haar schouders ophalen. Ze wist niet hoeveel tijd God nog voor haar in petto had, ze kon het Hem niet vragen.

Maar het moeilijkste was toch het afscheid nemen van haar echtgenoot. Want ofschoon hij gestorven was, was hij nog in het huis. Hij was overal waar ze hem niet kon zien. Hij lag zelfs nog naast haar, tot ze wakker werd en zij haar ogen opendeed en hij was verdwenen. Soms troostte dat.

Ze wilde hem juist niet vergeten – ze was zo gelukkig met hem geweest – en toch had ze behoefte aan de stad. Misschien had het wel met haar jeugd te maken en wilde ze daar nog wat van proeven, zoals ze soms ook zin had in een boterham met pindakaas en jam.

“Wat zou ik verliezen als ik verhuis, en wat zou ik winnen?” Haar gedachten wilden niet naar een antwoord.

Haar handen – alsof die zich los van haar lichaam bewogen – pakten haar iPad. Funda. Ze keek naar de huizen in de stad, allereerst in de Nicolaas Maesstraat. Ze schrok van de prijzen. Drie huizen waren daar te koop. Alle drie meer dan twee miljoen! Ze wilde gewoon iets kleins. Ze had best wel wat geld, maar toch…

Ze vond iets. Weliswaar te klein en te duur, maar dat kon haar niets schelen.

Maar ze durfde niet.

“Help me!” smeekte ze haar man.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden