Beeld Artur Krynicki

Uiteraard had het hem geschokt toen hij haar naam had gelezen

PlusTheodor Holman

Ze stond, met haar gekromde rug, schuchter voor hem met koffie voor hem in haar hand en vroeg: “Heb je de krant gelezen?”

“Nee,” loog hij.

“O… Ik zag de krant op de eettafel liggen, ik dacht dat je hem…”

Ze zette de koffie voor hem neer.

“Alleen wat doorgebladerd, niet echt gelezen.”

Zwijgend draaide ze zich met haar 73-jarige lichaam om.

Hij wist waar ze het over had. De overlijdensadvertenties las hij altijd en uiteraard had het hem geschokt toen hij haar naam had gelezen. Ze was zijn grote liefde geweest. Hoe vaak had hij niet gedacht: als ze zegt: ik wil je terug, dan laat ik alles hier in de steek en ga ik.

Zelfs een paar jaar geleden, toen hij meende haar te zien in Artis – wat niet zo was – had hij dat nog gedacht. Hij ging de keren na waarin hij haar de afgelopen veertig jaar had gezien. Een keer of zes, zeven. Al die keren had hij gedacht: hoe kan dat, iedereen wordt ouder, behalve zij.

Een paar keer hadden ze een volstrekt nietszeggend gesprekje gevoerd.

“Hoi.”

“Hoi… Hoe gaat het met jou?”

“Goed, en met jou?”

“Prima.”

Oude geliefden zeggen nooit werkelijk hoe het met ze gaat.

Of hij was gehaast óf zij. Dus was het nooit tot een echt gesprek gekomen. Wel besefte hij elke keer dat hij nog iets voor haar voelde. Dat snapte hij zelf niet. De laatste keer, een jaar of drie geleden, had hij gezien dat ze wat moeilijk liep. Het was in de Van Baerlestraat. Er schuifelde een oudere man naast en daarom had hij geen zin haar te begroeten. Wel bekeek hij haar van afstand en dacht: als het moet, wil ik ook wel voor je zorgen.

Maar hij zorgde al voor iemand anders. Van wie hij eigenlijk ook veel hield. Maar hij zou met zijn droomvrouw een ander leven hebben geleid.

Hij ging aan de eettafel zitten waar zijn vrouw ook zat, sloeg alle krantenpagina’s traag om tot hij bij de overlijdensadvertenties kwam, bekeek die semigeïnteresseerd en zei: “Zeg, Annelies van der Valk is dood.”

“O ja? Ach…” zei z’n vrouw die dat al lang wist.

“Ja, 67… in een hospice.”

Het was of zij wat angstig was. Daarom keek hij haar aan met alles wat hij aan liefde in zich had.

Hij meende het uiteindelijk.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden