Natascha van Weezel Beeld Agata Nowicka

Uiteindelijk besluit ik om mijn vader nog één keer te bellen

Plus Natascha van Weezel

Mijn vaders iPhone ligt op mijn bureau. Al weken schuif ik het voor me uit, maar nu ontkom ik er niet meer aan. Mijn moeder wil het telefoonabonnement opzeggen. Eerder heeft ze al zijn sportschoolabonnement, ziektekostenverzekering en ANWB-lidmaatschap stopgezet. Ik moet de iPhone leeghalen.

Met trillende vingers druk ik de ‘home’-knop in. Het toestel is vergrendeld. Ik probeer een paar wachtwoorden uit. Bij de derde poging boek ik succes: mijn geboortejaar. Ook de achtergrondafbeelding is een foto van mij. Gemaakt in 2014, tijdens een vakantie in Parijs.

Het eerste wat ik tegenkom, is zijn elektronische agenda. Die geeft aan dat mijn vader volgende week ­zaterdag een radioprogramma moet presenteren.

Ik verplaats de foto’s uit zijn fotobibliotheek naar mijn computer onder het mom van ‘leuk voor later’. Op het scherm verschijnen afbeeldingen van familie-etentjes, werkbijeenkomsten en vooral heel veel selfies. Daarna bekijk ik een paar apps: ParkMobile, Blendle en Podcasts. In december heeft hij zijn auto voor het laatst ­geparkeerd. In maart downloadde hij voor de laatste keer een krantenartikel.

Mijn vader was vergroeid met zijn telefoon. Hij was voortdurend met dat ding aan het spelen en sms’te doorgaans binnen een minuut terug. Af en toe werd ik er gek van. De iPhone was altijd van de partij, als een soort extra persoon. Zijn vingers tikten constant op de toetsen. Ook op momenten dat we serieuze gesprekken met elkaar voerden. Misschien juist dan. Ik vroeg me vaak af wat er in zijn hoofd omging. Wat hij wél aan de telefoon durfde toe te vertrouwen, maar niet aan mijn moeder en mij.

In zijn sms- en WhatsApp-geschiedenis zie ik dat er 29 ongeopende berichten zijn. Papa heeft ook postuum nog berichtjes gekregen: ‘Max, dank dat je er was’ bijvoorbeeld. Of: ‘Dag, lieve, lieve Max’. Dit is mijn laatste kans om alle correspondentie door te nemen, om er ­eindelijk achter te komen wat hij écht dacht. Mijn ogen scannen zijn inbox: ‘Ja, ik ben zeker trots op mijn dochter! Lieve groeten van Max,’ lees ik. En: ‘De situatie is enorm shit. Ik ben doodsbang. X van M’. Ik leg de iPhone weg. Wat ik nu doe, kan ik niet maken.

Uiteindelijk besluit ik om mijn vader nog één keer te bellen. De telefoon gaat een paar keer over. Dan hoor ik zijn vertrouwde stem. Opgewekt als altijd: ‘Hallo, dit is de voicemail van Max van Weezel. Ik kan nu even niet opnemen. Spreek een boodschap ik na de piep, dan zal ik u zo spoedig mogelijk terugbellen. Doeiiiii’. 

Minutenlang luister ik naar de piep en de eindeloze stilte die daarop volgt.

Natascha van Weezel (32) is journalist. Elke dinsdag schrijft ze een column voor Het Parool.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden