Marjolijn de Cocq Beeld Artur Krynicki
Marjolijn de CocqBeeld Artur Krynicki

Twee niet onintelli­gente vrouwen worden door de ‘unieke, nieuwe vertelstem’ van A.F.Th. totaal geïnfantiliseerd

PlusMarjolijn de Cocq

‘Van der Heijden presteert het onmogelijke,’ staat op de achterflap van mijn vooruitexemplaar van Stemvorken. ‘Hij integreert twee cycli en introduceert een unieke, nieuwe vertelstem.’ Het is een betrekkelijk nieuw fenomeen, dat ‘vooruitexemplaar’. Voorheen kregen recensenten de drukproeven van nieuw te verschijnen werk toegemaild als pdf, of door publiciteitsmedewerkers van de uitgeverijen uitgeprint en in de luxere gevallen voorzien van een ringband toe­gezonden. Maar nu hopen de vooruitexem­plaren van nog te verschijnen romans zich op; een­voudigere drukken, soms nog ongecorrigeerd, het omslagontwerp nog niet definitief.

Ik ben er blij mee; je kunt er lekker in onderstrepen en uitroeptekenen in de wetenschap dat het ‘echte’ boek nog zal volgen. In geval van Stemvorken heb ik veel gestreept en geuitroeptekend. En dan vooral waar het gaat om die ‘unieke, nieuwe vertelstem’ – die van Zwanet Vrauwdeunt.

Er gingen interviews vooraf aan de daadwerkelijke publicatie – mogen mannelijke schrijvers afdalen in een vrouwenziel, kúnnen mannelijke schrijvers afdalen in een vrouwenziel? De gedachtepolitie stond op scherp natuurlijk, dekte de grote schrijver zich al in, geslachtelijke toe-eigening, wie was die Van der Heijden wel niet dat hij zich 888 bladzijden ging inleven in een vrouw?

Tuurlijk mag Van der Heijden zich 888 blad­zijden inleven in een vrouw. Maar, zoals Claudia de Breij in haar #kutcolumn #orkorkork #komhiermetjestemvork schrijft: Doe dat dan ook! De Breij had het daarbij over de seksuele (of, zoals Van der Heijden in stand houdt, sexu­ele) ontdekkingen van Zwanet en haar geliefde Corinne Suwijn. Maar het is recensent Bo van Houwelingen die in de Volkskrant terecht vaststelt dat die ‘unieke, nieuwe vertelstem’ gewoon weer de stem is van de schrijver zelf, de overdonderende stem van A.F.Th. die volstrekt zijn eigen gang gaat.

Ik ben bij de repetitieve seks (sex) enigszins gaan dwarslezen, moet ik toegeven, me gaan focussen op de plot – die, zo bleek na 888 bladzijden, niet wordt afgewikkeld. Toch worden mijn onderstrepingen en uitroeptekens steeds driftiger. Giftiger. Want twee niet onintelli­gente vrouwen van middelbare leeftijd – dit las ik nergens in de viersterren- en vijfballen­recensies elders – worden door deze ‘unieke, nieuwe vertelstem’ totaal geïnfantiliseerd.

Ze kwelen elkaar toe met koosnaampjes (Rinsi, Rinne, Rinneke, Ringelrinne, Rinse Rinni), ze geven klapjes, slaken kreetjes en kirren, en als ‘Rinneke wil dat Zwannie nog meer streeltjes doet maar dan met haar lieve tongelapje’, vraagt ze dat met een kinderlijk pruilstemmetje.

Om met de dames te spreken: ‘Auwetjes’. Ja, ook dat staat er echt.

Marjolijn de Cocq schrijft elke week een column voor Het Parool. Lees al haar columns hier terug.

Reageren? m.decocq@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden