Plus Column

Twee jaar spelen bij Ajax en hij klinkt als een prof

Ellen Dikker had heel lang niets met voetbal, totdat haar zoon werd gescout door Ajax. Iedere zaterdag schrijft zij in Het Parool een column over haar 'Kleine Messi'.

Ellen Dikker Beeld Wolff

Het einde van het seizoen wordt voelbaar op De ­Toekomst. Een parkeerplek vinden is geen probleem en de kantine doet leeg aan.

Dan zou je denken dat het heilig vuur bij de jongens ook langzaam richting waakvlam gaat. Na tien maanden trainen, wedstrijden en toernooien zou de vermoeidheid in de benen kunnen zitten.

Maar de jongens staan nog steeds te trappelen. Dat zit zo. Als alle competities zijn afgerond, worden tijdens de trainingen vaak ­onderlinge toernooitjes georganiseerd. Dan staan de jongens te juichen. Techniek­oefeningen, positiespel, een-tegen-eentjes en afwerken op doel zijn ook best leuk.

Maar partijtjes zijn het mooiste wat er is. En het tegen elkaar opnemen misschien wel het ­allermooiste. Er worden teampjes geformeerd met klinkende namen als Barcelona, Madrid en Bayern München. Verschillende veldjes zijn uitgezet en bij elk veldje staat één trainer.

Die hoeft niet heel veel uit de kast te halen om de jongens aan de gang te krijgen. Mijn god, wat zijn ze gedreven. Bloedfanatiek. Niemand wil gepasseerd worden, uitgespeeld of gepoort. Niemand wil verliezen. Niet van elkaar. Dus ze staan strak. Zijn retescherp. Geven alles wat ze hebben.

Er wordt aan shirtjes getrokken, hier en daar een tackle uitgedeeld, maar nooit echt gemeen. Er klinken boze stemmen als een kans wordt gemist. Zeker bij achterstand.

"Kill man, die moet je wel afmaken!" Er wordt geruzied over uitballen. De trainers ­laten het de jongens zo veel mogelijk zelf uitzoeken. Na een kleine woordenwisseling is er altijd één die gewoon de bal pakt en hem ingooit. Of hij nou in zijn recht staat of niet. De meest doortastende wint het ­conflict. En dan gaat het spel weer verder.

Tot het tijd is om te wisselen van tegenstander. Even gaan de koppen bij elkaar. "Houden we dezelfde opstelling of niet?" Bij winst wel, bij verlies zoeken de jongens een nieuwe plek. Snel naar je favoriete positie rennen, want wie er het eerst staat, mag er spelen.

De backposities worden altijd als laatste ingevuld. Als alle wedstrijdjes zijn gespeeld, wordt de winnaar gehuldigd. Met de armen over de schouders dansen ze in een kring over het veld. Gewonnen van de rest.

Man, man, man, dat voelt goed. De verliezers hebben het moeilijk. Een paar jongens huilen. Als ik mijn verbazing daarover laat blijken aan mijn zoontje, zegt hij: "Ja mam, dat begrijp jij misschien niet, maar er komt veel emotie bij kijken." Twee jaar spelen bij Ajax en hij klinkt als een prof. De wijsneus.

e.dikker@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden