Plus Brill en Pam

Trump heeft vele zwakheden, maar geen gebrek aan politiek-tactisch benul

Eén kwestie, twee visies: de Amsterdamse blik en een mondiale kijk op de actualiteit. Deze week: terrein terugwinnen.

Max Pam en Paul Brill. Beeld Artur Krynicki

Brill

Bij een relatiecrisis kan een gemeenschappelijk haatobject een welkome afleiding bieden. Idem dito in de politiek. Donald Trump is een kwelgeest voor de Democraten, maar zijn grenzeloze botheid helpt hen af en toe ook uit de brand.

Afgelopen week reageerden de Democraten met collectief afgrijzen op de tweet waarin de president vier gekleurde vrouwelijke Congres­leden op de korrel nam. Zij konden beter vertrekken naar hun land van herkomst en daar orde op zaken stellen alvorens Amerika over van alles en nog wat de les te lezen, aldus Trump. Je kunt twisten over de vraag of hij hier welbewust de racismekaart speelde, maar het staat buiten kijf dat dit een zeer onfrisse aanval was op vier gekozen volksvertegenwoordigers, die allemaal de Amerikaanse nationaliteit hebben en van wie er drie in de Verenigde Staten zijn geboren.

De terechte verontwaardiging kon niet verbloemen dat Trumps tweet ook een blessing in disguise was voor de Democraten. Want het veel aan de weg timmerende viertal zat de Democratische voorzitter van het Huis van Afgevaardigden, Nancy Pelosi, steeds openlijker dwars. The Squad was hard bezig een splijtzwam in de partij te worden. Dankzij Trumps charge konden de gelederen weer worden gesloten.

De Amerikaanse president Donald Trump. Beeld EPA

De vraag is hoe lang de interne vrede zal duren. Alexandria Ocasio-Cortez, Ilhan Omar, Ayanna Pressley en Rashida Tlaib zien in de affaire ongetwijfeld een aanmoediging om hun kruistocht met dubbele kracht voort te zetten. Die kruistocht geeft de partij een almaar radicaler aanzien, met een sterke nadruk op identiteitspolitiek. Die breekt met het door Martin Luther King en Barack Obama beleden ideaal van kleurenblindheid. En er zijn bedenkelijke uitspraken, met name van Omar, over Joden en Israël.

Drie weken geleden zag ik in de VS de eerste tv-debatten tussen de twintig Democratische presidentskandidaten. Na afloop dacht ik: de winnaar is Trump. De debatten leken wel een wedstrijd in progressiviteit. Bijna unaniem werd gepleit voor een vergaand gesocialiseerd zorgstelsel, drastische maatregelen tegen de klimaatverandering en ruime toegang voor allerhande immigranten. Balsem voor de ziel van de linkse activisten die bij de Democratische voorverkiezingen een belangrijke stem in het kapittel hebben, maar bepaald geen agenda om cruciale kiezersgroepen terug te winnen die in 2016 de partij de rug hebben toegekeerd.

Trump beseft dat het loont om het militante kwartet te afficheren als het ware Democratische gezicht. Hij heeft vele zwakheden, maar gebrek aan politiek-tactisch benul hoort er niet bij.

Paul Brill

Pam

Niets in de politiek is moeilijker dan het terugwinnen van verloren terrein. Dat zie je aan de Democraten, die wanhopig zoeken naar een strategie om Trump in 2020 te verslaan. Onderling zijn zij zo verdeeld dat Trump de radikalinski’s binnen de Democraten telkens uit hun tent weet te lokken. Met als gevaar: wie in de VS het etiket van socialist of communist opgeplakt krijgt, is bij voorbaat kansloos. In veel polls staat Trump nog achter, maar intussen kijkt niemand er meer van op als hij gewoon wordt herkozen.

In Nederland probeert de Partij van de Arbeid verloren terrein te heroveren. In 1959 had de PvdA 48 zetels in de Tweede Kamer en 147.047 betalende leden. Zestig jaar later zijn er nog slechts 9 zetels en zo’n 45.000 leden. In zetels gemeten was er altijd de curve van een jojo, maar de trend ging steeds naar beneden. Het dieptepunt kwam in 2017 onder Lodewijk Asscher, toen er van de ooit zo trotse vloot der sociaaldemocraten nog slechts 9 schepen overbleven.

Fractievoorzitter Lodewijk Asscher van de PVDA. Beeld ANP

“De PvdA heeft geen verhaal meer,” hoorde je zeggen. Voorzitter Hans Spekman trok zich gedesillusioneerd terug en Diederik Samsom ging naar een klimaattafel. Nog in het begin van dit jaar meldde dagblad Trouw: ‘Nee, de PvdA wordt nooit meer de grootste, dat beseffen de leden eindelijk ook’.

Maar zie!

De sombere geluiden waren nog niet verstomd, of de eerste tekenen van herstel staken hun kopjes op als sneeuwklokjes in het voorjaar. Bij de gemeenteraadsverkiezingen verloor de PvdA minder dan verwacht en bij de Europese verkiezingen deed spitzenkandidaat Frans Timmermans het ineens geweldig. En dat is nog niet alles. Wie de peilingen van Maurice de Hond bestudeert, ziet dat de opmerkelijke stijging is ingezet, juist op het moment dat de PvdA-leden er zelf, volgens Trouw, niet meer in geloofden. De peiling van De Hond geeft aan dat de partij er in korte tijd tien zetels heeft bijgekregen – 19, meer dan een verdubbeling!

Hoe is dat mogelijk?

Het is waar dat de huidige kiezer de ene keer op een partij stemt waar hij (of zij) de vorige keer hartgrondig tegen was. Toch is deze weder­opstanding opmerkelijk. Wat heeft Asscher gedaan om het tij te keren? Ongetwijfeld heeft hij hard gewerkt, maar in de oppositie ligt de bal vooral bij anderen. Mij lijkt het dat de gegroeide populariteit van de PvdA vooral te danken is aan het feit dat de tamelijk onzichtbare Asscher geen zinloos lawaai produceert en vooral geen fouten maakt. Dat zouden de Democraten zich ook moeten realiseren, willen zij Donald Trump verslaan.

Max Pam

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden