Jaap de Groot Beeld Artur Krynick

Topsporters zoals Verstappen en Ronaldo gaan nooit op vakantie

Plus Jaap de Groot

De eredivisieclubs zijn alweer begonnen met de voorbereiding op het nieuwe seizoen. Honderden voetballers hebben een lange ­vakantie achter de rug, een ­periode die door de echte prof toch anders beleefd zou moeten worden dan door de gemiddelde toerist.

Een topsporter kent namelijk geen vrije dag. Wie de focus op maximaal presteren heeft staan, is zich daar 365 dagen per jaar van bewust. Zoals Max ­Verstappen en Cristiano Ronaldo. Altijd maar bezig met mentale, fysieke of welke andere aspecten ook. Van nabij heb ik gezien hoe Ronaldo eerst het etiket van een fles mineraalwater las om te checken of er voor hem onwenselijke mineralen in zaten.

Of neem Christian Eriksen, die, toen hij nog een beginnend prof bij Ajax en vrijgezel was, kooklessen nam bij chefkok Eugene van Angelbeek (eigenaar van Molen De Dikkert en De Veranda) om thuis zelf verantwoorde maaltijden te kunnen ­bereiden.

Terug naar Verstappen. Hij weet bijna permanent zijn personal trainer Jake Aliker in de buurt, omdat voor iedere 24 uur van 2019 een programma is ­samengesteld. Net als slapen en opstaan een vast dagelijks ritueel, waar ook ter wereld.

Terwijl in de voetballerij iemand van 21 jaar nog als talent wordt gezien, is Verstappen op die leeftijd al een volwassen denkende professional. Iemand die in staat is om op gelijk niveau met monteurs en teamleiding te communiceren.

Nog een mooi voorbeeld is Didi Gregorius, de in Amsterdam geboren korte stop van de New York Yankees. De tophonkballer, begonnen bij de jeugd van Amsterdam Pirates, die off-season zijn eigen staf samenstelt om topfit aan het nieuwe seizoen te kunnen beginnen. Een verantwoordelijkheid die iedere Amerikaanse profclub in handen van de sporter legt zodra die buiten het zicht van het clubmanagement is.

Wie zich na de vakantie met overgewicht of dubieuze kwaaltjes weer bij de club meldt, heeft dan ook een serieus probleem. Met sancties tot contract­ontbinding aan toe. Risico’s die de Gregoriussen, Verstappens en Ronaldo’s van deze wereld niet ­lopen. Daarom vervullen ze sleutelrollen binnen hun sport, altijd in staat om op beslissende momenten te leveren. Op basis van talent, maar ook dankzij een ijzeren discipline en onvoorwaardelijke liefde voor hun sport. Verstappen, Gregorius en ­Ronaldo houden van jongs af aan gewoon zielsveel van hun inmiddels uit de hand gelopen hobby.

Ik heb ze alle drie geregeld ontmoet en iedere keer levert dat opnieuw bijzondere inzichten en one­liners op. Een van mijn favorieten is Verstappens tegeltekst: “Ik ben een van de monteurs; de monteur die in de wagen zit.” Duidelijker kan een individuele sporter niet aangeven dat hij zijn rol als teamspeler onderkent. Een indicatie ook van het hoe en waarom van een wereldster.

Intussen wachten de voetbalclubs in spanning af hoe professioneel hun profs tijdens de vakantie ­bezig zijn geweest.

Jaap de Groot schrijft wekelijks een column over sport voor Het Parool. Reageren? j.degroot@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden