null Beeld Sjoukje Bierma
Beeld Sjoukje Bierma

Toen hij blijkbaar doorhad waar hij zijn telefoon had laten liggen, zuchtte hij diep

PlusMaarten Moll

Maarten Moll

Bij de servicebalie van de supermarkt stond een man in een hoekje. Hij had net zijn vrouw met een boodschappenwagentje door de poortjes zien gaan. Een blocnotevelletje in haar hand.

“Doppinda’s!” had hij haar nog achterna geroepen.

Ze was de hoek nog niet om, of de man greep naar zijn kontzak. Naar zijn andere kontzak.

Er verscheen verrassing op zijn gezicht.

Binnenzak van zijn jas dan.

Het met beide handen kloppen op de kleding. En nog een keer de hand naar de kontzak.

De verrassing maakte plaats voor een geïrriteerde uitdrukking.

Waar hij zich op had verheugd was niet duidelijk, maar het feest ging niet door.

Hij dacht na, je zag hem zoeken met die ogen die heen en weer gingen, en toen hij blijkbaar doorhad waar hij zijn telefoon had laten liggen, zuchtte hij zo diep dat hij veranderde in een leeglopende ballon, waarbij zijn schouders indrukwekkend laag tot stilstand kwamen.

Met gesloten ogen bleef hij zo staan. Een supermarktmedewerker keek vanachter de balie bezorgd toe. Ten slotte richtte de man zich weer op.

De vraag was wat hij nu zou gaan doen. Met een telefoon in zijn handen was er niets aan de hand geweest. Dan was hij zo’n beetje onzichtbaar geweest.

Wat doet de mens als hij is onthand?

De man moest zich een houding geven, en daarvan was hij zich bewust. Je zag ook dat hij er niet meer aan gewend was. Hij kon zich natuurlijk gewoon uit de voeten maken, het hazenpad kiezen, maar dan zou hij zich pas echt tot een slaaf van zijn telefoon maken. Dat gunde hij zijn telefoon niet.

Nee, eerst stopte hij zijn rusteloze, werkloze handen maar eens in de zakken van zijn broek. Loerde naar de poortjes. Toch zijn vrouw achterna? Maar dat leek toch niet zo’n aanlokkelijk idee, want hij maakte geen aanstalten.

De man keek verder om zich heen. Glimlachte opeens.

Hij liep naar het rek met kranten. Alleen in het onderste gedeelte lag nog een stapeltje. De man bukte zich en trok toen zijn al uitgestoken hand terug. Het was blijkbaar niet zijn favoriete titel.

Vervolgens bekeek hij langdurig de uitgestalde bloemen, en de bakken met groen die op een tafel stonden. Stak een vinger in de aarde van een kleine kamerplant.

Bij de pinautomaat won hij een paar minuten. Hij stak verschillende pasjes in het apparaat, maar hij nam geen geld op. Hij stak zijn portemonnee weg, en zijn oog viel op een groot, oud bord van de Staatsloterij. Hij grimaste een paar keer gemeen tegen het bord, en even leek het erop alsof hij een kopstoot wilde uitdelen.

De man keek op zijn horloge en slenterde richting de kassa’s.

Daar ging hij bij een pilaar staan en keek of hij zijn vrouw al ergens zag. Automatisch ging daarbij zijn hand naar zijn kontzak. Halverwege bleef de hand in bevroren toestand in de lucht hangen.

Als ze de doppinda’s nu maar niet was vergeten.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden