Opinie

‘Toegang tot voedsel is een burgerrecht’

Het aantal mensen dat een beroep doet op de voedselbank groeit. Jeroen Candel en Ingrid de Zwarte vragen de overheid om haar verantwoordelijkheid te nemen: toegang tot voedsel is een burgerrecht.

Een aantal voedsel­banken in Nederland was door het wegvallen van een deel van hun aanvoer genoodzaakt zelf eten in te kopen.Beeld Jakob Van Vliet

 ‘Steeds meer mensen in Nederland hebben door de coronacrisis niet voldoende te eten,’ meldde het Rode Kruis op 12 oktober. De coronacrisis zorgt wereldwijd, en dus ook in Nederland, voor een verontrustende groei van het aantal mensen in voedselnood. Via een inzamelingsactie op giro 7244 hoopt het Rode Kruis de komende tijd ten minste 3000 mensen aan een dagelijkse maaltijd te kunnen helpen. Een nobele actie, maar het recht op voedsel is een taak van de overheid en niet van burgers of maatschappij.

Dat er moet worden ingegrepen is evident. Ongeveer een miljoen mensen in Nederland leven onder de armoedegrens. Marieke van Schaik, directeur van het Rode Kruis, laat in haar dringende oproep weten: ‘Steeds meer mensen in Nederland hebben geen geld om elke dag een maaltijd te kunnen koken. We zullen de hulp verder moeten opschalen, want we kunnen de kwetsbaarste mensen in Nederland in deze moeilijke tijd niet in de kou laten staan.’

De coronacrisis verdiept op pijnlijke wijze sociaaleconomische ongelijkheden in de samenleving, met voedselnood als duidelijk symptoom. Ongedocumenteerden en arbeidsmigranten, die voor het uitbreken van de coronacrisis in de schoonmaak, bouw of horeca werkten, vormen een bijzonder kwetsbare groep. Maar ook veel gezinnen en alleenstaande ouders kunnen door verlies van hun baan het hoofd niet meer boven water houden en zijn aangewezen op voedselhulp.

Stokkende aanvoer

Nederlandse voedselbanken hebben de hulpvraag sinds maart fors zien toenemen, met alle gevolgen van dien. Eerder dit jaar moesten diverse voedselbanken tijdelijk sluiten omdat een deel van de ruim 11.000 vrijwilligers tot de covidrisicogroepen behoort. Bovendien stokte de aanvoer: hamstergedrag leidde ertoe dat supermarkten veel minder overschotten aan voedselbanken konden doneren. Daarnaast lukt het de supermarkten steeds beter hun overschotten terug te dringen. Dat leidde ertoe dat voedselbanken zelf voedsel moesten inkopen, wat indruist tegen hun missie om gebruik te maken van voedseloverschotten.

De inspanningen van het Rode Kruis, voedselbanken en tal van andere hulporganisaties en particuliere acties zijn lovenswaardig. Door idealisme gedreven en met genereuze steun bieden zij broodnodige steun aan de meest behoeftigen in Nederland. De duizenden vrijwilligers van voedselbanken weten steeds met veel creativiteit oplossingen te bedenken voor de grote uitdagingen waarvoor ze staan en vormen daarmee een steunpilaar van de Nederlandse samenleving in moeilijke tijden.

Grondrecht

Maar zou dat wel zo moeten zijn? Is toegang tot voedsel niet een burgerrecht, waar de overheid verantwoordelijkheid voor draagt? De coronacrisis toont naast de veerkracht van de samenleving ook de kwetsbaarheid van het huidige voedselsysteem. De komende jaren ­kunnen we onder invloed van de verwachte economische crisis een verdere groei verwachten van het aantal mensen dat afhankelijk is van voedselhulp. De situatie is uiterst zorgwekkend en vereist een herbezinning op de huidige gang van zaken.

De coronacrisis laat zien dat het tijd is om werk te maken van het recht op voedsel. Hoewel Nederland zich, net als 169 andere partijen, al in 1966 committeerde aan het Internationaal Verdrag inzake Economische, Sociale en Culturele Rechten van de Verenigde Naties, is het recht op voedsel (artikel 11) nooit formeel omgezet in nationale wetgeving. Nu is het daar het moment voor.

Dit betekent niet dat we het voedselbankensysteem moeten opdoeken. Dankzij de harde inzet van duizenden vrijwilligers en aangesloten hulporganisaties is de Voedselbank sinds de oprichting in 2002 onmisbaar in de samenleving en zal dat (helaas) ook blijven. Het betekent wel dat de overheid systeemverantwoordelijkheid moet nemen en dient in te springen wanneer dat nodig is.

Dat kan zij doen door, net als Costa Rica, Colombia en Suriname, het recht op voedsel expliciet op te nemen in de grondwet en door financieel bij te springen als voedselbanken voedselhulp niet langer kunnen waarborgen. Of door te voorkomen dat mensen überhaupt onder de armoedegrens terechtkomen, bijvoorbeeld door de invoering van een basisinkomen. Maak van het recht op voedsel eindelijk een burgerrecht.

Beeld Guy Ackermans

Jeroen Candel

Universitair docent bestuurskunde aan de Wageningen Universiteit, doet onderzoek naar voedsel- en landbouwbeleid.

Beeld Bob Bronshoff

Ingrid de Zwarte

Universitair docent agrarische en milieugeschiedenis aan de Wageningen Universiteit, doet onderzoek naar de rol van voedsel en hongersnood in oorlogstijd.

De auteurs van dit artikel schreven samen het boek Tien miljard monden: hoe we de wereld gaan voeden in 2050.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden