Column Artikel Roze Beeld Artur Krynicki
Column Artikel RozeBeeld Artur Krynicki

‘Toch maar wel eentje?’ vraagt de kerstboomverkoper

PlusFemke van der Laan

Het is tijd voor een kerstboom. Ik had het nog even voor me uit weten te schuiven, tot na Sinterklaas om te beginnen. Daarna was het handiger om te wachten tot het weekend. De laatste 48 uur is er negen keer om gevraagd. Nu sta ik met de oudste en de jongste bij de kerstbomenstal.

“Toch maar wel eentje?” De kerstboomverkoper vindt ook dat ik laat ben. Ik knik.

De boom waar ik naast sta, lijkt me goed. Ik steek nog even mijn hand de lucht in om te kijken of het zal passen. Mijn vingers komen tot de top. “Deze alsjeblieft.”

De man trekt de boom naar zich toe. “Op een kruis?”

“Ja, graag.”

De verkoper pakt twee houten plankjes. Ze zitten al aan elkaar vast, er steekt een lange spijker in. De man klemt de boom tussen zijn benen.

“Jij hebt hem zeker al staan?” Ik stel me voor dat hij de beste voor zichzelf heeft ­uitgekozen. Meteen al, uit de eerste lading, die met de mooiste kerstboomvorm, breed van onderen en dan in een rechte lijn naar de top toe, met overal ­precies genoeg ruimte tussen de takken voor de ballen.

Hij schudt zijn hoofd terwijl hij de plankjes tegen de onderkant van de stam duwt. “Ik heb nooit een kerstboom.” De man slaat met de hamer tegen de spijker aan. Zijn beweging begint ver boven zijn hoofd. “Het slaat nergens op.”

Met de eerste mep gaat de spijker al voor de helft de boom in. De kerstboomverkoper kijkt even op. Ik heb het gezien.

Ik denk aan mijn negende verjaardag en aan hoe ik de dag ervoor liet weten niet langer prijs te stellen op slingers en ballonnen. Op de vraag waarom niet, zei ik dat het nergens op sloeg. De volgende dag was de huiskamer nog kaal, gewoon, zoals elke dag. Met kerstbomen heb ik het ook. Ik zie het te veel voor wat het is. Een boom in je huis. Met ballen.

De man tilt de kerstboom op en duwt hem in de verpakkingskoker. Ik wijs naar de oudste en de jongste die iets verderop zijn gaan staan, bij de oliebollenkraam. “Maar ik heb kinderen.” “Ik ook,” kaatst hij terug.

Ik zie ze voor me, de kinderen van de kerstboomverkoper, wachtend op hun vader die van zijn werk komt, teleurgesteld als hij weer geen boom heeft meegebracht. Ik hoor hoe hij ‘Na Sinterklaas’ zegt en ‘Het weekend is handiger’. Op kerstavond vinden ze hem een afschuwelijke man.

“Willen je kinderen geen boom?”

De kerstboomverkoper zet de boom voor mijn neus. “Ik ben gescheiden.”

Hij kijkt alsof hij iemand te slim af is geweest.

Femke van der Laan is journalist. Wekelijks schrijft ze een column voor Het Parool. Lees al haar columns hier terug.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden