Jaap de GrootBeeld Artur Krynicki

Suurbier en Krol blijven de norm

PlusJaap de Groot

Wat hebben Noussair Mazraoui, Nicolás Tagliafico en Owen Wijndal als backs gemeen? Het zijn aanvallers die niet goed kunnen verdedigen. Toch zijn ze onderdeel van defensies op het hoogste niveau.

Er is overigens weinig mis met de voetballers Mazraoui, Tagliafico en Wijndal, maar de defensieve taak is te vaak ondergeschikt aan de offensieve drang. Het resulteert, vooral in topwedstrijden, in onnodige tegengoals. Toch wordt er onvoldoende aan een oplossing gewerkt. Als een coach besluit dat de backs ‘hoog’ moeten staan, dan dient er rugdekking te zijn en te worden uitgevoerd door spelers met duelkracht. Nu niet bepaald de kwaliteit van koppels als Schuurs/Blind bij Ajax en De Vrij/Blind bij Oranje.

Recentelijk zag ik een documentaire over Roberto Carlos, de legendarische linksback van Brazilië en Real Madrid. De verdediger die met zijn fameuze linkerbeen de ene beauty na de andere scoorde. Ook zag je zijn duelkracht en hoe slim hij positioneel verdedigde. Ondanks zijn spectaculaire goals was Roberto Carlos bovenal verdediger.

Daarom zouden Ruud Krol en Wim Suurbier bij Ajax nog altijd de norm moeten zijn. Voormalige buitenspelers, die tot vleugelverdediger werden gevormd. Daarbij werd er door trainers als Jany van der Veen en Rinus Michels ingestampt dat, voordat er werd aangevallen, eerst de verdedigende taak op orde moest zijn.

Een prachtig voorbeeld blijft de 2-0 van Nederland tegen Brazilië tijdens het WK van 1974. Omdat linksbuiten Rob Rensenbrink naar binnen is getrokken, ziet linksback Ruud Krol de vrije ruimte voor zich en duikt het gat in. Centrale verdediger Wim Rijsbergen levert een perfecte dieptepass af, waarna Krol op volle snelheid de combinatie met Rensenbrink zoekt, die de bal fenomenaal verlengt. Er volgt een strakke voorzet op de inkomende Johan Cruijff, die bij de eerste paal de 2-0 binnentikt.

Krol laat zien hoe essentieel het is om niet al in de ruimte te staan, maar er te komen. Daar wringt bij Mazraoui en Tagliafico de schoen. Te vaak staan ze er al. Deze offensieve drang is zo sterk dat het defensieve instinct verslapt. Met als gevolg dat tegenstanders uit hun rug vandaan in kansrijke posities komen. Een logisch gevolg bij spelers die vooral vooruitkijken en te weinig achter zich.

Tijdens Ajax-Liverpool was te zien hoe het ook kan. Davy Klaassen speelde als een klassieke rechtermiddenvelder en zorgde voor balans tussen aanvaller Neres en verdediger Mazraoui. Tegen Mydtjylland speelde Klaassen daarentegen meer centraal als een halve 6, waardoor Mazraoui weer werd ‘gelokt’ om aan de open rechterflank vaker door te schuiven.

Intussen moet wel het beste uit een speler worden gehaald. Types als Wijndal en Mazraoui zijn te goede voetballers om ze te laten zwemmen. Dus of ze worden verplicht hun mindset bij te stellen (eerst verdedigen, dan aanvallen) of het elftal wordt zo georganiseerd dat de defensieve kwetsbaarheid wordt gecompenseerd.

In het belang van de speler en het team.

Jaap de Groot schrijft in Het Parool wekelijks een column over sport. Lees al zijn columns hier terug.

Reageren? j.degroot@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden