Lezersbrief

‘Stop de terreur van hersenloze amateurwielrenners’

Paroollezer Olga de Haan is klaar met wielerliefhebbers en stelt voor dat de wielrenners zich kunnen uitleven tussen vijf en acht uur ’s ochtends, of de vluchtstroken langs de snelwegen gaan gebruiken.

Beeld Amaury Miller

Op 6 juli berichtte PS over wielerliefhebbers. Ieder zijn meug, uiteraard, maar graag wel een beetje rekening houden met anderen.

Nu is er, helaas, sprake van terreur door dit hersenloze voortjakkeren over paden die daarvoor niet geschikt zijn. Op het smalle dijkje tussen IJburg en Muiden ben je bijvoorbeeld je leven niet zeker als argeloze wandelaar of slome recreatie­fietser.

Alle ouders die hun kinderen leren fietsen kunnen meepraten over de gevaarlijke situaties die ontstaan tussen slingerende kinderen en aanstormende, nietsontziende maniakken. Wielrenners tooien zich met een helm, kennelijk bang om te vallen, maar brengen niettemin anderen met hun roekeloze gedrag in gevaar.

Het zijn niet alleen de pelotons fietslustigen, maar ook eenlingen of paren Millp’s (mensen in lelijke lycra pakjes) die de medeweggebruiker wegdrukken. Daarbij dichten deze gehelmde horden hun fietsbel magische krachten toe: een welgemikte ‘ping!’ en de anderen lossen op in het niets, poef!

Maar waarom moet ik, als wandelaar of als fietser, met mijn blote benen in de berm tussen de brand­netels gaan staan bij het horen van dat irritante ‘ping!’? Waarom moet iedereen wijken? Ik maak wel eens een stopgebaar als ik een of twee maniakaal fietsende figuren zie naderen: piepende remmen, woedende blikken, geschreeuw.

“Jij moet gewoon aan de kant voor mij!”

“O ja? Waarom dan wel? Wie brengt hier wie in gevaar?”

Het is overigens niet alleen buiten, maar ook in de stad dat er ‘ping!’ wordt gedaan. Dan wurmt zich weer een of andere gehelmde fietser tussen mij en de stoep, of tussen mij en het naast mij fietsende kind, of zoiets.

Er moet einde aan deze terreur komen. Daarom stel ik voor dat de wielrenners, de gehelmde horden, zich fijn kunnen uitleven tussen vijf en acht uur ’s ochtends. Dan is het ook lekker koel voor hen. Of na tien uur ’s avonds.

Wat ook kan: op de vluchtstroken langs de snelwegen: daar kunnen de wielrenners zich meten met de auto’s, waardoor zij hun prestaties nog meer kunnen verbeteren. Zo blijft er ruimte over voor de anderen. Een win-winsituatie voor iedereen!

Olga de Haan, Amsterdam

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden