Sport belangrijker dan kunst? Ik ben het er niet mee eens

PlusAshgan El Hamus

Het kabinet heeft voor ons besloten dat sporten een ­belangrijkere mentale uitlaatklep is dan kunst. Ik ben het er niet mee eens. Film heeft zich op meerdere ­momenten in mijn leven als onmisbaar bewezen. Film is als die beste vriendin, die altijd precies op het juiste ­moment, op de juiste plek, opduikt. Zij weet wanneer je haar nodig hebt.

Een van de betere keren dat zij er was, was in 2008. Ik ben zestien en we gaan op een filmwerkweek naar Zuid-Frankrijk, naar een landhuis in zo’n dorp waar de lucht altijd goed is. Een week voor tieners die denken dat ze misschien wel filmmaker willen worden. Tieners denken daar helemaal niet over na, die denken aan blowen of stiekeme breezers, maar we doen goed alsof.

Er mogen teams worden gemaakt; wij kennen elkaar al dus kiezen we elkaar. Zijn krullen glimmen van het vet en hij draagt een houten ketting die eruitziet alsof ie uit een Hawaïaanse giftshop komt. Ik hoop dat het een cadeau is van een oudtante of iemand anders die het goed bedoelde. Hij draagt twee T-shirts over elkaar, een met lange en een met korte mouwen, ook al is het warm genoeg voor alleen die met korte. Maar ik zie eruit als een depressieve skater, dus wat weet ik nou? We krijgen een week de tijd om een film te maken. Zelf schrijven, regisseren, filmen, monteren, spelen. Alles zelf.

Zelf wordt heel veel samen. We hebben nergens verstand van, maar doen ook daar weer goed alsof. Ik denk dat ik stoer ben en help hem aan het roken. Hij doet alsof hij allang weet hoe dat moet. Er is iets met een paraplu en stiekem kussen zonder dat het regent, en hij zegt dat het wel een scène uit een film lijkt, want film lijkt het enige waarover we kunnen praten.

We voelen ons, volledig misplaatst, kunstenaars. Verliefde kunstenaars die eindelijk hebben uitgevonden waar het leven over gaat. Als ik lang genoeg naar hem kijk heb ik visioenen waarin ik ons zie in een kraakpand met houten vloeren, waar we shag roken en druk praten over kunst, wat dat dan ook zijn mag. Zo vullen we de week met grootheidswaan en hebben we aan het eind onze eerste ‘film’ gemaakt – maar vooral onze eigen, mierzoete, romkom geleefd.

In de bus terug, naar ons schamele tienerbestaan dat we in één week zijn ontgroeid, laat hij mij Bob Dylan horen. Je weet wel, hij een oortje, ik een oortje, naar buiten turen alsof dit heus niet de eerste keer is dat je zo dicht bij een jongen bent dat je zijn adem op je wang voelt. En ik ben boos, omdat ik zeker weet dat het leven nooit meer zo machtig groots zal voelen als die week. Dat is wat film met je doet. Zij had ons.

Dertien jaar later draagt hij zijn krullen minder vet en is hij het die boos is – dat ik hem ooit aan het roken heb geholpen. Er zijn geen kraakpanden aan te pas gekomen, maar wel een warm huis waar we samen zijn en waar we films maken; soms zelf en soms samen, zoals dat gaat. Film was zoals altijd op het juiste moment, op de juiste plek en nog steeds voelen veel dagen groots. Zij heeft ons.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden