Babs Gons. Beeld Artur Krynicki
Babs Gons.Beeld Artur Krynicki

Soms wil je nooit meer weg van de mensen die je tegenkomt

PlusBabs Gons

Bij sommige mensen die je tegenkomt voel je je gelijk op je gemak. Blijf je zelfs in de regen mee staan praten. Wil je nooit meer bij weg. Wil je gelijk bij intrekken. Naar huis rennen, twee grote koffers pakken en hupsakee, je vlijen op hun bank, plaats nemen aan hun tafel. Ze hebben vaak ogen die een zekere hartelijkheid herbergen, ze nemen de tijd voor je en betoveren je met hun openhartigheid.

Woensdagmiddag op het marktplein in Diemen stond ze te stralen in een wagen met broodjes, koffie en sapjes. Ze lachte mij en mijn vriendin magnetisch naar haar toe, complimen­teerde me met de kleur van mijn jas, deelde gul haar advies over de groentekroket die ik bestelde en een half uur later trokken we ons los van haar lippen waar we aan hadden gehangen. Verregend en gecharmeerd liepen we met lichte tegenzin weg, we hadden tenslotte afgesproken om te gaan wandelen.

“Wat was ze mooi, hè,” zeiden we tegen elkaar. En de droom waar ze ons hartstochtelijk over had verteld, liep nog even mee tussen ons in.

We liepen door de laatste restjes sneeuw. Het wordt weer warmer, hadden ze die ochtend beloofd op de radio, en hoewel een aanzienlijk deel van Nederland afgelopen weekend even zielsgelukkig op het ijs stond, dacht ik aan de man die met zijn hond op een van de koudste avonden van het vorig jaar op station Amstel zat.

Midden in de hal op een kleedje, met naast hem een grote hond, keek hij me zo vriendelijk aan dat mijn hand vanzelf op zoek ging naar wat kleingeld. We maakten een klein praatje, waarover weet ik niet meer precies, toen we onderbroken werden door een lange, vrolijk ogende man die de dakloze man een pakje zakdoekjes overhandigde.

“Hier vriend,” zei hij, “voor je neus,” – en hij liep door, de stationshal uit.

Even daarvoor had de supermarkt to go te kennen gegeven dat de man met de hond geen servetjes meer mocht pakken. En terwijl de goedgeefse man wegliep, kon ik alleen nog maar met mijn hart denken. Wacht! wilde ik roepen, wacht, ik trek bij je in. Laten we trouwen. Of trouw anders met iemand die ik ken. Ik wil graag iemand in de buurt die zakdoekjes koopt voor verkouden zwervers.

We keken hem samen na en ik vroeg me af waar hij en zijn hond van droomden.

De vrouw op de markt had een huwelijk van meer dan veertig jaar. Het geheim, vertrouwde ze ons toe: luisteren, maar vooral ook elkaar ruimte geven. Laat elkaar gewoon een biertje drinken met vrienden. Ik hoop niet dat ze het erg vindt als ik binnenkort voor de deur sta, voor een biertje.

Spokenwordartiest, schrijver en ­docent Babs Gons maakt ons deelgenoot van haar belevenissen. Lees al haar columns hier terug.

Reageren? b.gons@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden