Soms wil ik gewoon weglopen

De in Amsterdam geboren en getogen schrijver James Worthy (35) probeert op maandag, woensdag en vrijdag iets van het leven te begrijpen.

James WorthyBeeld Agata Nowicka

Soms wil ik gewoon weglopen. Net als Forrest Gump. Naar het einde van de straat, naar het einde van de stad, naar het einde van de wereld en dan heel misschien weer terug. Ontglippen aan alles. Aan de kookprogramma's, aan de allesverslindende ambitie, aan het spaargeld en aan al die uitdrukkingsloze gezichten die van olifantenhuid lijken te zijn gemaakt.

Ik wil deserteren uit dat wat alleen nog maar leger gaat worden. In het verleden won de aanhouder nog weleens, maar tegenwoordig wint de ontevredenheid alle belangrijke toernooien. Waar je ook kijkt, zie je zure blikken, alsof onze oogleden ineens van citroenschil zijn gemaakt.

Soms wil ik gewoon weglopen. Net als Alexander Supertramp wegloopt in het door Jon Krakauer geschreven boek Into the wild. Want is dit echt alles? Draait dit leven enkel om diploma's, hypotheken en promoties? Hebben mijn vader en moeder mij op deze wereld gezet om zestig e-mails per dag te versturen? Ben ik enkel geboren om een slaaf van mijn eigen bereikbaarheid te worden?

En wat is dat met die immer groeiende gulzigheid? Ik schaam me voor de stemmen in mijn hoofd. Ze schreeuwen om meer, terwijl ik al meer dan genoeg heb. Tevredenheid bestaat niet meer. Het gevoel van niets meer te verlangen hebben dan wat er nu is, is in zijn geheel opgeschrokt door de termieten van ons eigen ongenoegen.

En in de tramhalte zien we een poster van arme kinderen in derdewereldlanden. Ze hebben niets, maar toch ogen ze gelukkiger. Die kinderen houden meer van weinig dan wij van te veel houden.

Op dat soort momenten zie ik een tramhalte in een derdewereldland voor me. In die tramhalte hangt een poster. Op de poster staan drie mensen die eventjes geen wifi hebben. Onderaan de poster staat de tekst: 'Echte armoede heeft niets met geld te maken. Geef om deze mensen. Stort nu wat tevredenheid.' Ik wil gaan lopen en niet meer stoppen.

Ik wil op plekken komen waar nog nooit iemand is geweest. Die eerste voetstap in de aarde. En de wildernis zal mij niets kwalijk nemen. Ik wil uren naar de wolken kijken en vrienden worden met een vos.

Ik wil gewoon weer rustig op het leven kunnen kauwen in plaats van dat ik het leven maar moet doorslikken zonder te kauwen. We gunnen onszelf niet eens meer de tijd om op het leven te kauwen. Alles heeft haast. Het leven is een magnetronmaaltijd geworden.

Soms wil ik gewoon weglopen. Net als Forrest Gump. Naar het einde van de straat, naar het einde van de stad, naar het einde van de wereld en dan heel misschien weer terug. Maar ik zal het nooit doen, want lafheid is net als gulzigheid een slechte eigenschap en alle slechte eigenschappen zijn besmettelijk.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden