Femke van der LaanBeeld Agata Nowicka

Samen zouden ze een ruitjespatroon vormen

PlusFemke van der Laan

Ik ben de enige klant in de zaak in het achterafstraatje. Bij het koffiezetapparaat staan een jongen en een meisje. Hij draagt een shirt met verticale strepen. Zwart-wit. Haar shirt heeft ook zwart-witte strepen, maar dan horizontaal. Ik zie het ruitjespatroon dat ze samen zouden vormen.

Hij bracht mij net een koffie. Zij maakt schoon. Het koffiezetapparaat glimt al. Nu staat ze bij de inbouwkast achter de vitrine met de taarten. Ze werkt plank voor plank. Van boven naar beneden. Spullen eraf, dweiltje erover, spullen weer terug. Ik telde vijf rollen vershoudfolie. En vier navulverpakkingen met peperkorrels, zo groot als beschuitbussen. Twee ervan had ze omhooggehouden, voor de neus van de jongen. Ze trok er een gezicht bij. Snap jij iets van de voorraad hier, las ik op haar voorhoofd. De jongen las niets. “Peper,” zei hij alleen maar.

Hij drentelt. Om haar heen. Hij loopt steeds net niet in de weg. Elke keer als ze haar gele doekje in het emmertje met sop laat zakken, doet hij een stap achteruit. Er staat ‘mayonaise’ op het emmertje.

Het meisje haalt weer een plank leeg. Waxinelichtjes. Drie dozen. Tonicstampers. Ook drie dozen. En dan nog een doos. Een grijze.

“Wat is dat?” De jongen kijkt in de grijze doos.

“Gevonden voorwerpen.”

“Lachen.”

De jongen doet een graai in de doos. Hij haalt een zonnebril tevoorschijn, kijkt er even naar en doet dan nog een graai. Weer een zonnebril. “Kijk,” zegt de jongen en nog een keer gaat zijn hand naar beneden. “Drie.”

Het meisje kijkt even naar de drie brillen en reikt dan voor de jongen langs, naar de mayonaise. “Ja.”

“En een boek.”

De jongen legt de zonnebrillen neer en vist een boekje uit de grijze doos.

“Dat is een bijbel.”

“Lachen.”

Hij slaat het open. In het midden. Ik zie hoe zijn ogen over de bladzijde schieten. Alsof hij iets zoekt. Om voor te lezen. Lachen. Hij slaat een bladzijde om. En nog een. Zijn ogen blijven schieten. Dan ademt hij in.

“Dun papier, zeg. Moet je voelen.”

Het meisje haalt het dweiltje over een plank. “Mijn vingers zijn nat.”

Ze zet de tonicstampers terug. En de waxinelichtjes. Ze duwt alles zo ver mogelijk naar achteren.

“Zoiets mis je toch.”

Het meisje draait zich om naar de jongen. Haar blik is verbaasd. Eventjes. Hij heeft de zonnebrillen in zijn handen. De bijbel ligt alweer in de doos.

Het meisje tilt de doos op. De jongen stopt de zonnebrillen erin.

“Samen zijn we vierkantjes,” zegt de jongen. Hij wijst van zijn shirt naar het hare.

Het meisje draait zich om. “Ruitjes,” zegt ze zacht.

Femke van der Laan is journalist. Wekelijks schrijft ze een column voor Het Parool. Lees al haar columns hier terug.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden