Plus Column

Ruttes grijns is overal, van Berlijn tot Parijs

Johan Fretz Beeld Wolff

Foto van de week. Met zijn armen in standje simsalabim staat Stef Blok, als een kale Hans Klok, achter zijn bureau. Met die voor hem zo typerende, expressieve blik, kijkt hij naar een blauw, harig wezen: het brexit-monster. Een soort kruising tussen E.T., Chewbacca uit Star Wars en Samson (de Vlaamse hond, niet Samsom, de ex-politicus). Ben heel benieuwd hoeveel discussie en lsd hier aan vooraf is gegaan op Buitenlandse Zaken. Twitter ging uiteraard los, maar wat was het doel van dit kiekje?

Het brexitmonster ter bleek een mascotte van de Brexit Impact Scan. Daarmee kunnen we als Nederlanders zien hoe de uittocht van de Britten ons gaat raken. Fijn, maar we lezen meteen: 'Zolang nog onduidelijk is wanneer er iets verandert en hoe dat er precies uitziet, kunt u aan de uitkomsten van deze scan geen rechten ontlenen.' Dat klinkt meer als een dreigement.

Wie in elk geval niet hoeft te vrezen voor de brexit, is onze premier Mark Rutte. Terwijl zijn ­teflonlaag hier in rap tempo afbrokkelt, heft hij zichzelf op het Europese schild, als polderredder. Eerst deed hij dat nog subtiel, inmiddels is hij alle schaamte voorbij. Ruttes grijns is overal, van Berlijn tot Parijs. Hij mocht zelfs de Churchill-lezing geven in Zürich: een staatsman die visie veracht, in de naam van een staatsman die visie belichaamde.

In de lezing stak Rutte ongekend vurig van wal, voor een sterker Europa. Zoveel geestdrift hadden wij hem in acht jaar nooit zien opbrengen, behalve dan die keer dat hij ons de afschaffing van de dividendbelasting probeerde aan te smeren. En die keer dat hij ons duizend euro de neus beloofde.

En, vooruit, die keer dat hij vertelde dat zijn Curaçaose vrienden blij zijn dat ze bij sinterklaas hun gezicht niet hoeven af te schminken. En natuurlijk toen hij zei dat er geen cent meer naar de Grieken zou gaan. En die keer dat hij zich niet herinnerde dat er een bonnetje van een criminele deal bij justitie was zoekgeraakt. Maar verder: nooit.

Zelf ontkent Rutte in alle toonaarden te solliciteren naar een nieuwe baan bij de EU, maar je weet dat hij achter gesloten deuren glundert, als Kees van Kootens professor Akkermans en trots prevelt: "Ik word genoemd, mijn naam circuleert." Ja, genoemd wordt hij zeker.

Tegenstrijdige gevoelens in mij vechten om voorrang: blijdschap, dat wij hier mogelijk binnenkort van zijn sleets geworden, holle optimisme zijn verlost, maar ook: droefheid, omdat we er vervolgens nog minstens acht jaar mee zitten opgescheept in Brussel. Bovendien is hij, hoe pijnlijk dat ook is om toe te geven, toch een beetje de vinger in de dijk, die voorkomt dat wij worden meegesleurd in het radicaal-rechtse wijwater.

In zijn lezing zei Rutte dat hij in acht jaar premierschap tot de conclusie is gekomen dat 'af en toe de taal van de straat spreken ook een vorm van wijsheid is'. Dat betekent dat hij binnenkort waarschijnlijk vanuit de EU zal zeggen dat hij de Hongaren het liefst allemaal persoonlijk in elkaar zou slaan en dat de Italianen maar moeten op pleuren, als het ze hier niet bevalt.

Deze week werd bekend dat Ruttes favoriete Indonesische restaurant, het Haagse Soeboer, op omvallen staat. Het is te hopen dat men in Brussel een goede toko heeft, want één ding staat vast: Mark komt eraan.

Johan Fretz is schrijver en theatermaker. Hij heeft een wekelijkse column in de krant.

Reageren? j.fretz@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden