Opinie

‘Rijk profiteert zelf van huurverhoging’

Huurverhoging brengt veel huurders in financiële problemen. Het is het gevolg van de afwezigheid van de overheid op de woningmarkt, stelt Erik Flentge van de SP. 

Om bouw­ambities niet te blokkeren, moeten kwijt­schel­dingen worden gecombineerd met slim lokaal grondprijzen­beleid. Beeld NIELS WENSTEDT / ANP / Nederlandse Freelancers

De jaarlijkse huurstijging gaat door. Dat is in crisistijd extra zuur. De reacties waren dan ook woedend. ‘Verzet neemt toe tegen huurverhoging,’ kopte deze krant vorige week. Huurders voelen zich verraden door de minister, corporaties, makelaars en vastgoedpartijen.

Veel huurders zijn hun baan en inkomen kwijtgeraakt. Het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting berekende al in 2019 – vóór de crisis dus nog – dat de helft van de huurders moeilijk rond kon komen. Een kwart zat toen al financieel volledig klem. Dat aandeel is nu nog groter geworden.

Die zorgwekkende cijfers zijn zeker ook het resultaat van politieke keuzes. Terwijl huurders sinds de bankencrisis van 2007-2008 gewoon jaarlijkse huurverhogingen hebben gekregen, deed de overheid deed bijna niets om de woningbouw te stimuleren. De vrije markt kreeg in de jaren daarna ruim baan. De overheid trok zich terug. Privaat kapitaal vulde het ontstane gat. De prijzen zijn daardoor enorm opgestuwd. Zo zijn de huren in de vrije sector tussen 2011 en 2019 gestegen van ongeveer 1050 euro naar 1300 euro per maand.

Slap moreel appèl

Maar niet alleen de marktconforme huren zijn te hoog. Ook de sociale huren zijn in diezelfde tijd te veel gestegen. Van ongeveer 400 euro naar 500 euro per maand. Ook dat is geen toeval. Sinds de jaren negentig van de vorige eeuw is de overheid op afstand gaan staan van corporaties. In de jaren na de bankencrisis zagen liberale ministers hun kans schoon. Ze voerden een stevige belasting in voor corporaties, de verhuurderheffing. Zij bestaat nog steeds en loopt jaarlijks zelfs op.

Die belasting is niets anders dan een frontale aanval op de gereguleerde huur. De rekening ervoor valt bij de huurders op de deurmat.

De stad wordt zo steeds meer voor de rijken. We zien soms bizarre huren voor piepkleine woningen. Dakloosheid is sterk gegroeid. Het is tijd voor een stevige correctie.

Dat besef is blijkbaar ook ergens een beetje bij dit kabinet doorgedrongen. Eerst werd een slap moreel appèl gedaan op particuliere verhuurders om niet te veel huur te vragen. Dat leverde, niet verrassend, weinig op. Nu pleit minister Kajsa Ollongren (D66, Wonen) ervoor de stijging van markthuren aan een maximum te binden.

Verhuurderheffing

Een stap vooruit, zou je denken. Dat valt echter tegen. De stijging is meer dan 5 procent. Dat is slechter dan de afspraken van de Amsterdamse wethouder Laurens Ivens (SP) met investeerders (maximaal 3,5 procent), gemaakt nog voor het uitbreken van de coronacrisis. Het maximum van de minister is zelfs hoger dan wat makelaars al rekenden aan huurverhoging.

Maximering van de huurprijzen moet huurders daadwerkelijk beschermen. En dat kan. Een meerderheid van de Eerste Kamer wil dat, bleek uit een aangenomen motie van SP. Een bekritiseerde vastgoedpartij als Bouwinvest scheldt huurverhogingen voorlopig kwijt. Dat kost ze geld, dus moeten we kwijtscheldingen combineren met slim lokaal grondprijzen­beleid om bouwambities niet te blokkeren.

Maar waarom dan belast de minister goedkope huizen van Amsterdamse corporaties met 200 miljoen euro per jaar? Als ze de verhuurderheffing met 30 miljoen euro vermindert, kan de sociale huur worden bevroren. Een mooie tussenstap. Als de heffing verdwijnt, kan de huur zelfs worden verlaagd.

Ereschuld aan huurders

De minister staat alleen open voor regelingen voor individuele huurders, omdat hoge inkomens dan niet meeprofiteren. Maatwerk dus. Maar ‘maatwerk’ wordt een vreemd argument als voor de crisis al de helft van de huurders financieel erg krap zat. Dat zijn er nu zeker meer. En we horen nu al verhalen van huurders die inkomens kwijt zijn geraakt en toch de huurbevriezing niet kregen.

In crisistijd past geen beleid van pappen en nathouden. De minister heeft een ereschuld aan huurders. Maar zolang zij niet thuis geeft, gaat de SP door met de campagne 0% is genoeg, samen met iedereen die mee wil doen.

Erik Flentge, fractievoorzitter van de SP in de Amsterdamse ­gemeenteraad.Beeld Tammy van Nerum
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden