Maarten Moll. Beeld Sjoukje Bierma
Maarten Moll.Beeld Sjoukje Bierma

Rainer was goedlachs, maar vertelde weinig

PlusMaarten Moll

De hond moest een nieuw tuig.

Het oude, in regenboogkleuren, had ze om toen ze halsoverkop door een gezin de deur uit werd gezet en wij haar diezelfde dag nog opvingen.

We gaven haar een nieuwe naam, en Bep is nooit meer weggegaan.

In de Javastraat liepen we bij een dierenzaak naar ­binnen.

Wat je je voorstelt bij winkels in voormalige Oostbloklanden. Lege schappen en rekken.

Een winkel in ontmanteling, leek het, maar de vrouw die ons hielp dacht nog niet aan opgeven.

En daar waren de vele aquaria die de zaak nog kleur gaven. De vissen hadden nog nooit van het woord ­corona gehoord.

Bep kreeg een nieuw tuig, en toen we weer buiten stonden, keek ik op de kassabon.

Aquarium & Dierenspeciaalzaak Rainer. Specialist in life.

Weinig leven, daarbinnen, toch hoop ik dat de zaak het gaat redden.

Die naam. Rainer. Jezus, Rainer, hoe zou het met jou gaan?

Lang geleden zocht ik een klusjesman. De Brazilianen waren de nieuwe Polen, werd me verteld. Klusjesmannentaal.

Dus stond op een dag Rainer voor de deur.

“Hé, chef!” waren zijn eerste woorden.

Goedlachse kerel. Handig. Luisteren was bij hem ook alleen luisteren, en dan zijn eigen plan trekken.

Zo schuurde hij met neef Pastor de grote eetkamer­tafel en gaf die tafel een kleur.

Niet de kleur die we hadden afgesproken.

Moeilijk om er iets van te zeggen. Hij zag het.

“Niet goed, chef?”

“Nou…”

“Toch een mooie kleur? Lekker warm…”

Ik keek naar het blik dat nog ongeopend voor de schuur stond.

“Andere kleur?”

“Weet je, Rai…”

“Geen probleem, chef!”

En ze schuurden en lakten opnieuw.

En ik voelde me dan weer zo’n ontzettende lul.

Rainer. Immer vrolijk. Niet in een tuigje te houden.

Altijd eerst koffie als hij kwam. Altijd: “Bijna Brasil, hahaha.”

En dan die andere standaardzin: “Even naar Praxis.”

Ook al had ik spullen gekocht, hij wilde toch altijd nog wat andere dingen kopen.

En dan bleef hij lang weg.

Soms kwam hij terug zonder spullen. Beetje bedroefd.

Hij had een zoon in Brazilië. Daar ging het geloof ik niet zo goed mee, maar Rainer vertelde niet veel.

Een paar jaar hadden we geregeld contact.

Op een dag kreeg ik geen gehoor meer op zijn toestel.

Via via deed ik navraag. Niemand wist precies hoe het zat, maar als alles volgens plan was verlopen, was hij nu weer thuis.

Halsoverkop was hij uit mijn leven verdwenen.

Hij maakte mooie kasten.

Hij staat nog in mijn telefoon.

Ik hoop dat je het hebt gered, chef, daar ergens in de deelstaat Minas Gerais.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden