Opinie

'Protest tegen Israël moet juist op de Dam'

Het Cidi luidde eind december de noodklok over antisemitisme op de Dam. Maar de Dam is juist een plek om tégen Israël te demonstreren, betoogt Jaap Hamburger, voorzitter van Een Ander Joods Geluid, in dit opiniestuk.

'Het Nationaal Monument gaat over het terugwinnen van het eigen land en het vieren van bevrijding' Beeld Jean-Pierre Jans

W at lees ik nu? Een nieuwsbericht in Het Parool: 'Antisemitisme op de Dam?' Het bericht refereert aan een 'Open Brief' van 18 december, ondertekend door directeur Hanna Luden van het Centrum Informatie en Documentatie Israël (Cidi), samen met vicevoorzitter Ronny Naftaniel van het Centraal Joods Overleg (CJO), en gericht aan de burgemeester.

Daarin wordt betoogd dat het de spuigaten uitloopt met het antisemitisme in Amsterdam. Naftaniel, ex-directeur van het Cidi, treedt via de draaideurtjes in Joods-bestuurlijk Nederland hier weer op voor het CJO, waarin het Cidi sinds jaar en dag de belangrijkste deelnemer is.

Zo'n brief, van directeur en ex-directeur van het Cidi, is daarom in feite een Cidi-brief, al lijkt hij van twee verschillende organisaties te komen. Een vaker toegepast, ­optisch trucje.

Volgens het Paroolbericht zou Naftaniel gezegd hebben, dat 'het Nationaal Monument niet geschikt is om te demonstreren tegen Israël'. "Niet daar, waar ook de doden worden herdacht."

Hier krijgt het begrip 'gotspe' uit zijn mond een nieuwe dimensie. Het Monument op de Dam herinnert ons 365 dagen per jaar aan de donkere jaren van verlies van nationale identiteit, willekeur, knechtschap, dictatuur, executies.

Geen carte blanche
Waarom zou er behalve op 4 mei, als alle activiteit verboden is, niet alle dagen van het jaar tegen de staat Israël en haar praktijken mogen worden gedemonstreerd? Is dat 'heiligschennis'? Israël is een staat die zich, om het in een understatement te zeggen, 'ernstig misdraagt', anno 2019. Dat lokt protest uit. Geen carte blanche voor dat land, louter omdat er Joden wonen, maar een rode kaart.

Op 4 mei vindt op de Dam de Nationale Dodenherdenking plaats. Daar worden die dag ook de ruim 100.000 vermoorde Nederlandse Joden herdacht, meer dan terecht.

Hoe smakeloos en aanmatigend is het niet dat Naftaniel en Luden de destijds over de kling gejaagde Joden nu voor hun moreel door zijn assen gezakte politieke karretje willen spannen? En op de bok, boven hun hoofden, waait de blauw-witte vlag met davidster, al heen en al weer.

Het Monument herinnert ons 365 dagen per jaar aan onderdrukking en het uitwissen van nationale identiteit, aan willekeur en knechtschap, schreef ik hierboven. Die trits drukt nauwgezet uit waar Israël zich al zeventig jaar aan bezondigt tegenover de Palestijnen.

Ons Nationaal Monument heeft universele strekking: het gaat over onrecht en sterven uit verzet daartegen, over zomaar sterven moeten, omdat het de bezetter 'behaagt' - precies het lot van Palestijnen. Ons Monument gaat over het terugwinnen van het eigen land en het vieren van bevrijding: precies wat de Palestijnse natie toekomt: een eigen staat in vrijheid.

Cidi en CJO miskennen omwille van hun blinde volgzaamheid tegenover Israël niet alleen de betekenis van het Monument, maar en passant ook van de Dodenherdenking: die gaat over hen die hun leven gaven omwille van de vrijheid. Dat zijn doorgaans degenen die bezet worden, niet zij die een bezetting uitvoeren.

De conclusie dringt zich op: daar, en nergens anders, op de trappen van dat Monument, aan de voet van die zuil, moet het klinken: Free, free Palestine!

Rechtvaardige zaak
En rondom die trappen en bovenop die zuil zou naast de Nederlandse, de Palestijnse vlag niet misstaan, als teken van hoop en verzet, dat dictatuur voorbij gaat en dat Nederland en Amsterdam een rechtvaardige zaak omarmen en weten te steunen: de zaak van een vrij Palestina, de zaak van een volk dat snakt naar een menswaardig bestaan.

Het Nationaal Monument spreekt een taal die overduidelijk is: weg met álle bezetting. Alleen de briefschrijvers van het Cidi en CJO durven te beweren dat daar voor Palestina geen plaats zou zijn.

Het 'argument' - het enige - dat Naftaniel en het Cidi en het CJO in hun brief aan burgemeester Halsema hanteren, dat pro-Palestijnse manifestaties antisemitisme aanwakkeren en aantrekken en daarom verboden zouden moeten worden, keert zich als een boemerang tegen hen.

Als iets het antisemitisme aanwakkert, dan is het grootschalige geweld en de schendingen van fundamentele rechtsregels door de staat Israël.

Daarom is de vlag die bij het Monument verboden zou moeten worden de Israëlische: het provocerend overal in bezet Palestijns gebied in steden en op heuvels gehesen blauw-witte doek, dat voor miljoenen mensen, en niet alleen in Palestina, symbool is geworden van bezetting, onderdrukking en onrecht.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden