Theodor Holman. Beeld Artur Krynicki
Theodor Holman.Beeld Artur Krynicki

Poetin is een dier geworden, zijn manschappen ook

PlusTheodor Holman

Theodor Holman

‘Waarom wil je mij doodschieten?” vroeg de Oekraïense moeder met haar baby.

“Dichter bij God dan wanneer hij iemand kan liquideren, komt de mens niet,” zei de Russische soldaat.

Hij heeft gelijk. Zo leven moeder en kind nog en – pang! – zo zijn ze dood. Daarvóór kan er nog even verkracht worden.

Zo moet de macht voelen die God heeft; Hij kan doen wat Hij wil. De soldaat wil verkrachten en daarna doden. Wat heeft hij in een oorlog anders om voor te leven? The band of brothers?Kameraadschap omdat men elkaar vasthoudt uit doodsangst?

Er zijn momenten dat ik denk dat men vroeger oorlog voerde om de goden te behagen en dat men tegenwoordig oorlog voert om God te behagen. En uiteraard kan God ook fascisme of communisme heten, twee in feite religieuze stromingen. Hun leiders – waar ook ter wereld – spiegelen zich aan een wrede god. Ze imiteren hem. Hoe komt het dat ze denken dat hij doodt en verkracht? Omdat ze dat om zich heen zien.

Ik kan het niet anders verklaren.

De mens onderscheidt zich van het dier door beschaving en fatsoen. De ethiek van een dier, dat trouwens geen god of goden kent bij mijn weten, is uitermate simpel: dieren doen alles waar ze zin in hebben tot ze worden gedood. Geen besef van goed en kwaad.

Poetin is een dier geworden, zijn manschappen ook. Hun moraal is verbrijzeld. Beschaving is iets van vroeger geworden, dat zat in huizen, kerken, ziekenhuizen, universiteiten en scholen die nu zijn vernietigd. Instituten waar dieren weinig aan hebben.

Uit films en foto’s blijkt dat de honden en katten die daar nu zwerven wonderen van beschaving zijn. Ze kwispelstaarten terwijl ze kijken of er aan de lijken van hun baasjes nog iets eetbaars zit. Je merkt dat die honden geen mening hebben over ons mensen. Daarom bijten ze niet. Een hond die wel bijt, heeft trouwens de juiste opvattingen over de mens. En fatsoen? Een hond pist tegen een boom, een soldaat op een lijk.

Gisteren hoorde ik dat er aan beide zijden concentratiekampen zijn. Ik ken die kampen, al ben ik er nooit geweest. Ik ben ermee opgevoed. Concentratiekampen rekken de liquidatie. Als je ternauwernood in leven blijft, gaat de oorlog voor jou de rest van je leven door.

Bijna vijftig dagen geleden was er vast een grootvader in Marioepol die zijn kleinkinderen van school haalde. Ik ga mijn kleinkinderen nu halen.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden