Opinie

‘Past een sterke staat Mark Rutte wel?’

De sterke staat is terug, werd dit jaar vaak gezegd. Historicus Oscar Donck vindt dat het nog wel meevalt. Het leiderschap van premier Rutte (VVD) faalt hierin bovendien, schrijft hij in dit opiniestuk.

Premier Rutte op het Binnenhof.Beeld Lex van Lieshout/ANP

De roep om de ‘sterke staat’ is op rechts helemaal terug. Waar de staat de afgelopen decennia nog klein en op afstand moest zijn, moet deze volgens rechts nu weer ‘sterk’ en ‘leidend’ zijn. ‘Wij willen niet per se een grote overheid, maar wel een overheid die levert en sterk genoeg is om veiligheid en zekerheid te bieden,’ staat in het verkiezingsprogramma van de VVD, dat volgens veel opinietafels en nieuwsberichten een stap naar ‘links’ zet.

Deze stap en het veelgehoorde ‘einde van het neoliberalisme’ – waarin de vrije markt en het individu, en niet de staat leidend waren – lijken inderdaad op een grote kentering te duiden. Maar nu Rutte-IV onvermijdelijk lijkt, moet wel de vraag worden gesteld of deze twee werkelijkheden – een sterke staat en een vierde kabinet onder leiding van de VVD – wel verenigbaar, mogelijk en wenselijk zijn.

Weinig hoop

Ondanks de change of heart biedt recent beleid nog weinig hoop op een bevestigend antwoord op die vraag. Niet voor niets kwamen de directeuren van het PBL, CPB en CBS onlangs met een ‘ongebruikelijk’, ‘gezamenlijk appèl’ aan het kabinet.

Dat moet niet alleen de coronabrand blussen, maar ook langer bestaande problemen zoals de groeiende sociale kloof en klimaatverandering oplossen. Het eerste is van neoliberale makelij, het tweede wordt al veel langer genegeerd. Want waar onder meer Frankrijk en Duitsland hun herstelplannen nadrukkelijk koppelen aan duurzaamheid, blijven de talloze adviezen om hetzelfde te doen in Nederland in het luchtledige hangen.

Dubieuze betekenis

Dankzij hetzelfde passieve leiderschap halen we keer op keer de klimaatdoelen niet, neemt niemand verantwoordelijkheid voor de toeslagenaffaire en zijn we het laatste land in de EU dat start met vaccineren. Omdat het kabinet zich liet gijzelen door Farmers Defence Force, kaapte de stikstofcrisis het hele land. Ironisch dat juist de VVD, die zich graag als law-and-orderpartij profileert, zo passief reageerde op een organisatie zoals Farmers Defence Force. ‘Veiligheid en zekerheid’ krijgt zo een dubieuze betekenis in hun verkiezingsprogramma.

De geldkraan is weliswaar op ‘linkse’ wijze opengezet, ook hierin valt het kabinet snel terug in gebruikelijke hobby’s: van KLM (3,4 miljard euro) tot de door het CPB als ‘nauwelijks effectief’ omschreven Baangerelateerde Investeringskorting (4 miljard euro). De ‘vitale beroepen’ en de culturele sector worden afgedaan met waardering, applaus en nog meer werkdruk.

Het mag geen verrassing heten dat een partij die de overheid jarenlang weghoonde, uitholde, privatiseerde en als ‘betuttelend’ neerzette, de juiste capaciteiten ontbeert om een staat aan te voeren zoals links en rechts hem graag zien. Ook het coronabeleid wijst allerminst in de richting van de gevierde ‘sterke staat’. Hoewel premier Rutte Nederland ooit als een ‘in de kern diep socialistische staat’ omschreef, wees het kabinet het afgelopen half jaar steeds op ‘individuele verantwoordelijkheid’. Nederland werd zo een zware tweede Covid-19-golf ingetrokken.

“Mijn taak is mensen te vertellen wat de situatie is, en ze moeten vooral niet iets doen omdat ik het zeg,” zei Rutte tijdens een van zijn persconferenties. ‘Dringende oproepen’ konden we krijgen – tot het echt niet langer kon.

Sterk staaltje communicatie

Waar de mond in Nederland vol is van verandering is het met een VVD die op veertig zetels peilt, een ideologisch zwakke CDA-leider (Wopke Hoekstra) en een gedecimeerde linkerflank nog altijd alle ballen op de oude manier van politiek leiderschap. Met een premier-manager die het niet lang geleden over de ‘BV Nederland’ had en visie ziet als een ‘olifant die het zicht belemmert’.

Het doet je afvragen wanneer de verandering van ideeën gepaard gaat met een verandering van de politieke machthebbers. Aan dat dit nog niet is gebeurd, ligt een sterk staaltje communicatie ten grondslag. Bijvoorbeeld door de stap naar links niet als zodanig te benoemen, maar als ‘rationeel’ voortschrijdend inzicht. Zo liet scheidend VVD-leider Klaas Dijkhoff optekenen: “Nu doen we op economie een stapje naar het midden. We waren in het verleden vooral optimistisch over de markt: dan zou alles wel goed komen. Nu zijn we optimistisch maar ook realistisch.” Dit ‘realistisch’ kan overigens worden opgevat als ‘wat tot vermoeienis toe al jaren door links geroepen wordt’. Dus fijn hoor, die ‘sterke staat’. Maar krijgen we daar dan ook passend leiderschap bij?

Oscar Donck is historicus en politicoloog en werkt als onderzoeker bij de UvA.Beeld -
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden