Thomas Acda. Beeld Artur Krynick

Overal was het drukker dan in Amsterdam

Plus Thomas Acda

De zomer is voorbij en ik ben doodop. We zijn op vakantie geweest en het was leuk. Weer hebben we gezien dat het werkelijk bijna overal drukker is dan in Amsterdam. We begonnen in Brugge, we moesten gewoon lachen. De Bruggenaren dachten waarschijnlijk een debiele familie uit Holland op bezoek te hebben, maar wij konden niet ophouden met lachen. Je kon geen kant op! We stapten ’s ochtends het hotel uit en ik wilde rechtsaf slaan. Ik liep voorop. Ik ben niet de baas van ons gezin, maar mijn vrouw is zo lief (of slim) om mij wel af en toe dat ­gevoel te geven. Vader eend mocht voorop, kinderschare erachter en moeder voor nu als hekkensluiter. Maar moeder kwam het hele hotel niet uit. Ik wilde rechtsaf, maar dat kon niet.

Er stonden mensen. Niet gewoon mensen; een muur van mensen. Als Trump ziet dat zijn muur eigenlijk veel goedkoper kan én meteen als straf kan dienen, dan zijn die Mexicanen pas echt de sjaak. Ik botste wat Japanners met vlaggetjes omver, ieder tot dat moment reisleider van zijn eigen groep, maar daarachter stond het gewoon muurvast. Mijn zoon liep, niet echt wakker nog, tegen mijn rug aan en zijn kleine zus, al evenmin hierop bedacht, legde haar hoofd tegen zijn billen en sliep meteen door. Moeder stond tussen twee klappende deuren. Toen ik omkeek, lachte ik mijn eerste lach. Ze leek wel een Jedi. Alsof ze met haar mindpower ervoor zorgde dat de deuren steeds vlak voor ze om haar heen wilden sluiten, weer opengingen.

Twintig jaar geleden was ik in Brugge en toen kon je hier niet alleen een kanon afschieten na zevenen, je kon op je gemak midden op straat een kanon smeden, overleggen met een bij toeval langs wandelende medekanonnenbouwer, een pintje ­vatten en dan denken: wat zal ik hier een kanon afschieten? Wie hoort dat nou?

Nu kon ik het midden van de straat niet eens zien.

We vluchtten achterlangs naar de auto en reden naar Calais. Canterbury! Dat zou zo’n mooie kathedraal hebben. Niet ­gezien. Wel het bordje met ‘Welcome to Canterbury’, maar daarna waren de toeristen zo hoog opgestapeld dat alleen de ­bovenste mensen wisten wat voor weer het was die dag. Halsoverkop terug naar de kust dan maar: Folkestone. Het moet prachtig zijn, als je de Instagramfoto’s van de voorste mensen mag geloven. We gingen op zoek naar een parkeerplek en uiteindelijk vonden we er een. Door de voorruit zagen we ons eigen huis. Er brandde geen licht, maar thuis waren we.

Thomas Acda (1967) is zanger en acteur. Voor Het Parool beschrijft hij wekelijks zijn observaties van ‘de’ Amsterdammer

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden