Theodor Holman Beeld Artur Krynicki

Ouderdom is een terminale ziekte

Plus Theodor Holman

Ouder worden – ik ben niet de eerste die dit beweert – is een terminale ziekte. Je wordt niet beter, integendeel. Je moet leren leven met lapmiddelen. Je moet je doodsangst, een wild dier, in z’n kooi zien te houden.

Soms komt dat dier bij een kennis snuffelen.

Frans probeert humor te houden: “Ik heb mijn vakantie doorgebracht in het OLVG. Ze hebben daar uitstekende ­bedden en ook goede tv’s.”

Het duurt met Frans nog een half jaar ‘of zoiets.’ 

Of zoiets…Een nabrander van ingehouden tranen.

Hij drinkt thee. “Waarom, dat weet ik eigenlijk niet. Waarom drink ik me nu niet dood als het toch niet meer zo lang duurt?”

“Geef zelf het antwoord eens.”

Hij denkt even na: “Vorige week kwamen mijn kleinkinderen langs. Ze zijn 15, 13 en 10 jaar oud. Ik weet niet wat mijn zoon over mij heeft verteld, maar ze zeiden: ‘Opa, we hebben een verrassing voor je.’ Mijn oudste kleinzoon loopt naar de voordeur en komt met zijn vader binnen en een hond. Mijn kleinzoon zegt: ‘Dit is Cruijffie, hij is voor jou, opa.’ Mijn zoon ziet mijn gezicht en zegt: ‘Hij is om je gezelschap te houden, pap. Marjan laat hem ’s ochtends en ’s middags uit en ’s avonds kan hij in de tuin als jij hem niet kunt uitlaten’.”

Ik zweeg. Frans ging door: “Hij heet dus Cruijffie, hij is 9 jaar oud en het lijkt of hij mij spiegelt. Hij ligt en kijkt mij aan, hij staat en kijkt mij aan en hij zit en kijkt mij aan. En als hij mij niet aankijkt, denk ik dat hij, net als ik, denkt aan … nou ja, je weet wel.”

“Hij is dus lief.”

“Hij is… lief ja, maar ik denk… en dan straks?…Als ik… en dat is al snel. Ja, hij gaat dan naar de kleinkinderen en mijn zoon. Maar of hij daar nou gelukkig wordt…”

De thee is lauw.

“Die hond heeft een geschiedenis. Welke, dat weet ik niet, maar zo’n hond is niet zomaar op zijn negende naar het asiel gebracht. Ik heb besloten goed voor hem te zorgen, want ik merk dat ik met het uur meer van hem hou. We voeden elkaar met medelijden en dat troost.”

“Waar is ie nu?”

“Hij mediteert op mijn bed. Ik ga straks naast hem liggen en dan kijken we naar elkaar.”

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden