Opinie

Opinie: ‘Wie weet nog waar onze politici voor staan?’

De Nederlandse politiek laat inhoudelijk te wensen over, stelt John Jansen van Galen. Het gaat alleen nog maar over de gezichten, niet over hun standpunten.

Premier Mark Rutte op weg naar een gesprek met informateur Mariëtte Hamer. Beeld ANP
Premier Mark Rutte op weg naar een gesprek met informateur Mariëtte Hamer.Beeld ANP

Na de verkiezingscampagne van dit jaar, de verkiezingen, het tumultueuze begin van de ­formatie en de moeizame voortzetting ervan kunnen we de balans opmaken: wat is de inhoud van de hedendaagse Nederlandse politiek? Per saldo: die is zo goed als leeg.

In het CDA, bijvoorbeeld, schijnt achter de schermen een stille machtsstrijd te woeden ­tussen Wopke Hoekstra en, ziek thuis, Pieter Omtzigt. Er zijn blijkbaar stromingen die erg voor of tegen de ander zijn, maar niemand kan mij duidelijk maken waar zij voor ‘staan’. Jawel, voor macht respectievelijk ‘tegenmacht’, tot uw dienst, maar dat zijn lege begrippen zolang er niet aan wordt toegevoegd waarvoor die dan zouden moeten worden aangewend.

Die leegheid beperkt zich allerminst tot het CDA. De complete VVD schaart zich achter Mark Rutte, maar je hoort geen liberaal uitleggen waarom zijn aanblijven beter voor het land zou zijn dan zijn aftreden. Hij was zelf eerst voor een onversneden neoliberalisme en nu voor een grotere rol van de staat, maar zonder dat dit enige invloed had op de omvang van zijn aanhang in de partij. Je zult op internet heus wel het program van de VVD kunnen vinden, maar in de publieke discussie speelt dat geen rol.

De privéman

Dat geldt niet minder voor linkse partijen. Kunt u het inhoudelijke verschil omschrijven tussen GroenLinks en de PvdA? Het lijkt erop neer te komen wie van beide het best de coalitie vliegen kan afvangen: Jesse Klaver of Lilianne Ploumen? Waarom hun partijen niet subiet fuseren, is daardoor slecht te begrijpen, maar ze klampen zich liever vast aan tactische verschillen. Inzake de SP gaat de discussie over de vraag of Lilian Marijnissen het slechter doet dan haar vader.

Toegegeven, deze ontwikkeling is niet nieuw. Bij de verkiezing van Colijn (‘Stuurman in woelige baren’), Drees (‘Geef hem uw vertrouwen’) en Lubbers (‘Laat hem zijn karwei afmaken’) ging het ook al om hun persoon, maar die beeldvorming werd in evenwicht gehouden door een inhoudelijke boodschap. In de VVD was Wiegel rechtser dan Nijpels, in de PvdA was Den Uyl linkser dan Drees. Er was een zekere richtingenstrijd, die moest worden beslecht.

Sindsdien is door de logica van de media de politiek steeds meer het domein geworden van wat de socioloog Richard Sennett de ‘privéman’ heeft genoemd. Deze bekleedt dezelfde functies als de ‘publieke man’ (minister, kunstenaar), maar moet het hebben van zijn persoonlijkheid, uiterlijk en gedrag – niet van zijn prestaties of zijn beleid. Rutte is er een puik voorbeeld van.

Partijdemocratie

Wie kan zeggen waar Wopke Hoekstra voor staat? Men vindt hem ‘sympathiek’ of ‘knap’ en that’s it. Is Ploumen linkser dan haar voorganger Lodewijk Asscher? Het enige dat haar in de ogen van het publiek van hem onderscheidt, is haar Limburgse tongval.

Deze ideologische leegte past bij het huidige karakter van de politiek. Toen in 1989 de Muur viel, hadden we onze buik vol van ideologie. Beleid moest voortaan praktisch zijn en alles regelen in een algemeen belang. Inmiddels weten we – zie de toeslagenaffaire – dat dit niet lukt, maar wel verdwenen begin­selen en idealen sindsdien uit de politiek.

Dat politieke vacuüm hangt samen met de teloorgang van de partijdemocratie. Wijlen politicoloog Bart Tromp voerde er als columnist van Het Parool een ware kruistocht tegen. Natuurlijk, al die partijcongressen van weleer waren vaak ergerniswekkende Poolse land­dagen met stortbuien van amendementen en de afdeling Doniawerstal die Den Uyl eens mores zou leren, maar partijleiders moesten zich in die arena wel waarmaken. Daardoor ­kregen ze een politiek profiel en werden zo meer dan een lege huls.

Er is niet naar Bart Tromp geluisterd. Partijcongressen zijn verworden tot applausmachines – het hardst applaudisseren zij die ook een publieke functie begeren. De verliezer is het publieke debat, de winnaar is de ‘privéman’.

Het is hoog tijd dat wij burgers de politiek terugveroveren. Want het beleid gaat wel ergens over: klimaat, rechtsstaat, woningmarkt. Dat is te belangrijk om aan ledenpoppen over te laten.

John Jansen van Galen is journalist en publicist. Beeld ANP Kippa
John Jansen van Galen is journalist en publicist.Beeld ANP Kippa

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden