Opinie

Opinie: ‘Waarom hebben we het zo weinig over onze grondwet?’

De parlementaire democratie zoals wij die kennen bestaat dit jaar honderd jaar. Een goede reden om eens te reflecteren op de beginselen van ons democratische stelsel, ofwel onze Grondwet, zegt John Jansen van Galen. ‘Helaas lijkt onze volksvertegenwoordiging hierin nauwelijks geïnteresseerd.’

Het Parool
null Beeld ANP
Beeld ANP

Precies honderd jaar geleden stemden de vrouwen in Nederland voor het eerst voor de Tweede Kamer, dus de parlementaire democratie zou nu haar eeuwfeest kunnen vieren. In plaats daarvan wordt alom de noodklok geluid over het stelsel: beleven wij wellicht het einde van onze democratie? Is er niet minstens aanleiding voor een grondige verbouwing? En is het niet hoog tijd onze Grondwet als ‘baken van nationale soevereiniteit’ te voegen in de ontwikkeling van Europees recht?

Merkwaardig genoeg brengen onze volksvertegenwoordigers daar weinig belangstelling voor op. Wij gaan in Nederland nogal achteloos met onze Grondwet om. Dat in sommige landen, zoals de Verenigde Staten, schoolkinderen dagelijks trouw zweren aan de grondwet, zou voor onze als nuchter getypeerde volksaard (‘doe maar gewoon…’) te theatraal zijn. Maar de onverschilligheid waarmee wij de grondslag van ons staatsbestel feitelijk bejegenen is weer het andere uiterste. Slechts weinigen, ook weinig volksvertegenwoordigers, bekommeren zich er om. De Grondwet komt alleen op de agenda als er een gaatje valt.

Afschuiven op staatscommissies

Onlangs nam de Tweede Kamer en passant twee voorstellen tot wijziging van de Grondwet aan. Kenmerkend is dat deze voortkwamen uit de Eerste Kamer, die doorgaans meer interesse in de Grondwet aan de dag legt. Maar deze voorstellen waren wel al twaalf jaar geleden gelanceerd door een staatscommissie (de commissie-Thomassen). Er is inmiddels al lang een andere staatscommissie aangetreden, de commissie-Remkes, die nu met lede ogen moet aanzien hoe haar voorstellen uit het rapport Lage drempels, hoge dijken, over onze democratie en rechtsstaat, in het vergeetboek dreigen te raken.

Waar het om zoiets fundamenteels als de grondslagen van onze rechtsstaat gaat, zou je verwachten dat de voorzitters van parlementaire fracties zich verdringen bij het spreekgestoelte om daarover met elkaar het debat aan te gaan. In werkelijkheid parkeren ze het vraagstuk van grondwetsherziening liefst bij staatscommissies vol oud-politici en staatsrechtgeleerden, wat feitelijk neerkomt op afschuiven, en wordt het debat over de voorstellen van zo’n commissie steeds op de lange baan geschoven.

Het waren overigens wel interessante wijzigingen die nu, in de voor grondwetswijziging vereiste ‘tweede lezing’, zijn behandeld. De parlementair historicus Joop van den Berg spreekt van een ‘opvallende wijziging van de Grondwet’. Ze leggen namelijk beginselen van onze staat grondwettelijk vast: het recht op een eerlijk proces alsmede de waarborging van grondrechten en democratische rechtstaat. Die vloeien allebei al voort uit de bestaande wetten, maar er wordt aan gehecht ze met zoveel woorden, als plechtige verklaringen, in de Grondwet op te nemen.

Invloed van de burger

Dat is in ons land ongebruikelijk. De allereerste Nederlandse grondwet, de Staatsregeling van 1798, stond bol van de hooggestemde betuigingen van vrijheid, gelijkheid en broederschap, maar sedertdien hebben onze grondwetgevers zich steeds huiverig getoond voor dergelijke ronkende verklaringen. Misschien is het kenmerkend voor onze tijd dat het getuigen van ‘waarden’ nu voorrang kreeg boven het precies vastleggen van rechtsregels.

Er zijn immers genoeg urgente grondwettelijke kwesties die om een oplossing vragen. Wat zijn de merites van een ‘constitutioneel hof’ dat de besluiten van het parlement kan toetsen aan de Grondwet? Al twintig jaar geleden bond het Kamerlid Femke Halsema (GroenLinks) deze kat de bel aan. Inmiddels is zij burgemeester van deze stad en horen we er weinig meer van.

En waarom heeft de indirect gekozen Eerste Kamer nog altijd het laatste woord bij wetgeving, in plaats van de rechtstreeks gekozen Tweede Kamer? Waarom houden wij voorts de fictie in stand dat de kiezer rechtstreeks invloed heeft op wijziging van de Grondwet? Hij kan alleen op een partij stemmen waarvan hij dan mag hopen dat die over grondwetswijziging opnieuw zo zal stemmen als ze eerder deed. Dat is geen invloed, dat is gokken.

Nationaal debat

Er zijn meer vraagstukken die om een antwoord vragen. Door het gewemel van twintig fracties in de Tweede Kamer is de kwestie van een kiesdrempel weer aan de orde. Door de opmars van Forum voor Democratie, dat het parlementair stelsel aan zijn laars lapt, kan het pleidooi van prof. George van den Bergh uit 1935 voor een ‘weerbare democratie’ weer actueel worden: moeten ondemocratische partijen niet geweerd en uitgesloten worden? Discussies over die onderwerpen vinden wel plaats, maar niet in de politieke arena.

Het zou goed zijn als over de grondslagen van ons democratisch bestel een nationale discussie op touw werd gezet, met deelnemers uit alle lagen van de bevolking. Om te voorkomen dat de ‘elite’ daarbij weer het hoogste woord gaat voeren, kan naar het model van David Van Reybrouck gedacht worden aan deelname via loting, met mogelijk een vorm van verplichting voor de aangewezenen om zich te laten horen. De regering zou zich bij voorbaat moeten verplichten om binnen een redelijke termijn, zeg een half jaar, te reageren op de suggesties die eruit voortvloeien.

Aan zo’n nationaal debat moet veel televisie te pas komen, en veel social media. Het minste wat je van zo’n spektakel kunt verwachten is dat de Grondwet een tijdlang in het middelpunt van de belangstelling komt te staan en onderwerp wordt van het publieke gesprek. En dat wij beseffen hoe wezenlijk deze grondslag van ons publiek bestel is.

John Jansen van Galen  is journalist en publicist. Beeld ANP Kippa
John Jansen van Galen is journalist en publicist.Beeld ANP Kippa
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden