Opinie

Opinie: ‘Waar blijft actieplan voor verkrachte homoman?’

Thomas Garrod-Pullar pleit voor meer aandacht voor seksueel geweld in de lhbtq-gemeenschap. Anders blijft het mogelijk dat verkrachters doorgaan.

Een op de vier homo- of biseksuele mannen in Nederland ervaart seksueel geweld.
 illustratie rosa snijders Beeld Rosa Snijders
Een op de vier homo- of biseksuele mannen in Nederland ervaart seksueel geweld. illustratie rosa snijdersBeeld Rosa Snijders

Stel je voor dat je als homoseksuele man een politiebureau binnengaat en te horen krijgt dat jouw verkrachting van vier weken terug geen kans op veroordeling heeft. Het is immers jouw woord tegen het zijne. En wat had je anders verwacht van een avond onbesuisd feesten?

Dit is de realiteit van lhbtq’s die seksueel geweld melden. Uit cijfers blijkt dat mannen die seks hebben met mannen te vaak niet serieus worden genomen en soms zelfs de schuld krijgen van het voorval waardoor zij mentale klachten ontwikkelen. Het is de reden dat types als Martijn N., Sidney Smeets en Reynhard Sinaga zo lang hun gang konden gaan en honderden slachtoffers hebben gemaakt.

Maar seksueel geweld in de lhbtq-gemeenschap is absoluut niet iets om te onderschatten. 47 procent van de homo- en biseksuele mannen in het Verenigd Koninkrijk zegt seksueel geweld te hebben ondervonden, blijkt volgens de BBC uit een onderzoek van Survivors UK.

Een van de redenen waarom de samenleving seksueel geweld tegen mannen niet erkent, is schaamte. Slachtoffers schamen zich na hun verkrachting. Dit geldt in het bijzonder voor homoseksuele mannen, die een lang proces van schaamte doormaken als zij uit de kast komen.

Instanties schieten tekort

Het idee dat mannen niet altijd daders van seksueel geweld zijn maar soms ook slachtoffers, is voor sommigen lastig te begrijpen. Hoe kan een homoseksuele man slachtoffer worden van iets waarvan hij normaal gesproken geniet? Gevoelens van schaamte maken het voor velen onmogelijk hulp te zoeken, waardoor zij statistisch een grotere kans hebben op zware posttraumatische stress dan vrouwelijke slachtoffers. Een stille pandemie blijft zo onzichtbaar en de verkrachter gaat door.

Een tweede reden is institutioneel: hulpverleners en maatschappelijke organisaties laten veel slachtoffers vallen en schieten vaak tekort in de bestrijding van seksueel geweld. De politie weet geen raad met meldingen van verkrachtingen van homoseksuele mannen. Organisaties, zoals de GGD en lhbtq-instanties, zijn niet in staat gebleken om de ernst van het probleem te erkennen. Een op de vier homo- of biseksuele mannen ervaart seksueel geweld in Nederland. Dit aantal is groeiende onder jonge homomannen die ten prooi vallen aan grensoverschrijdend gedrag van meer ervaren homo’s. Maar verkrachting gedijt ook onder oudere homomannen, zeker als er overmatig drugsgebruik zoals GHB in het spel is.

Ban grensoverschrijdend gedrag uit

Maar homomannen moeten ook zichzelf kritisch onder de loep nemen. De discussie in de lhbtq-gemeenschap is te vaak gericht op seksuele vrijheid en te weinig op de verantwoordelijkheid die daarbij hoort. Sinds de jaren tachtig heeft de strijd voor meer rechten zich nauwelijks ontwikkeld, zeker niet in verhouding tot de verworven vrijheden. Homofobie staat te boek als het grootste probleem waar homoseksuele mannen mee zitten, terwijl je op grond van de cijfers zou kunnen zeggen dat juist seksueel geweld een grote bedreiging is. In het tegengaan van seksueel geweld is het belangrijk dat de lhbtq-gemeenschap grensoverschrijdend gedrag uitbant, zowel intern als extern. Zulke zelfregulering creëert regels en stelt grenzen in gevallen waar kwetsbare leden niet toe in staat zijn.

Mannelijke slachtoffers zijn vooralsnog niet zichtbaar in de discussie rondom seksueel geweld. Dieptriest is dat zij wel zichtbaar zijn in de zelfmoordstatististieken en cijfers over overmatig drugsgebruik. Bij gebrek aan hulp leidt het trauma van verkrachting tot blijvende schade, met alle gevolgen van dien voor slachtoffers en de volksgezondheid. Bovendien: aan gemakkelijke oplossingen, zoals het geven van voorlichting op scholen, hebben slachtoffers weinig. De lhbtq-gemeenschap is al lang niet meer een veilige haven voor haar leden. Alleen met een actieprogramma waarin hulpverleners, maatschappelijke organisaties en leden van de gemeenschap hun krachten bundelen, zoals bijvoorbeeld het initiatief Menaswell, kunnen we slachtoffers de juiste hulp bieden en dat is bijzonder hard nodig.

Thomas Garrod-Pullar is een van de initiatiefnemers van Menaswell en werkzaam als accountmanager

Thomas Garrod-Pullar, een van de initiatiefnemers van Menaswell. Beeld
Thomas Garrod-Pullar, een van de initiatiefnemers van Menaswell.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden