Opinie

Opinie: ‘Vergroening Amsterdamse daken gaat te langzaam’

De gemeente wil dat alle Amsterdamse nieuwbouw regenwater opvangt via groene daken. Egbert Schuttert gaat dat niet ver genoeg. ‘Anders houd je dezelfde zomerse zwarte hitte-eilanden.’

Sedum begroeiing op het dak van het Conscious Hotel in Amsterdam. Beeld ANP
Sedum begroeiing op het dak van het Conscious Hotel in Amsterdam.Beeld ANP

In Het Parool van zaterdag lazen we dat in de strijd tegen de wateroverlast alle nieuwbouw in de stad regenwater moet gaan opvangen, zoals door groene daken. Maar alleen bij nieuwbouw en bij grote renovatieprojecten? Dan hebben we er weinig aan.

Rondom ons huis in Oost worden op het moment veel daken vernieuwd. Ze worden geïsoleerd, dat wel, maar daarna is het opnieuw een woestijn van bitumen en grind. Honderden hectares groot. Hier en daar zie je een dakterras om te zonnen of op een zomeravond bier te drinken met vrienden. Vaak niet meer dan een met aluminium of hardhout omkaderde plek en groen is er meestal niet te vinden. Voor een bijdrage aan het Amsterdamse leefmilieu moet je niet op de daken zijn.

Terwijl de stad een ambitieus groenprogramma heeft, er subsidies en stimuleringsprogramma’s zijn, geveltuinacties, de gemeente bermen en verkeerseilanden van planten voorziet, wil het op de daken niet erg lukken. Dat is jammer, want in de openbare ruimte beneden zijn de mogelijkheden voor vergroening beperkt. Auto’s en trams moeten immers blijven rijden, er is ruimte voor fietsers nodig en ook te voet moeten we ons door de stad kunnen blijven verplaatsen. Daar is verharding voor nodig. Maar boven ons, op de Amsterdamse daken ligt al jaren, sportvelden groot, ruimte te wachten.

Onderhoud

Er zijn wegbereiders, zoals Rooftop Revolution, die de natuur willen terugbrengen in de stad met groene en blauwe daken. Een ambitieuze club met voorbeeldprojecten en op eyecatcherlocaties. Maar hun enthousiaste verhalen en projecten zijn geen afspiegeling van de dagelijkse praktijk. Eigenaren, kleine en grote verhuurders en verenigingen van eigenaars (VvE’s) zitten niet te wachten op vergroening van hun daken. De isolatiewinst is beperkt, er zijn weliswaar subsidies voor aanschaf, maar er blijven kosten voor onderhoud en beheer. En veel daken zijn moeilijk of helemaal niet bereikbaar. Een groen dak is in Amsterdam niet populair. Het heet ‘onderhoudsarm’ te zijn maar een dak met een sedumbegroeiing vraagt om beheer, controle, bemesting. Verhuurders, corporaties en eigenaren willen het liefst zo min mogelijk onderhoud.

Een half jaar geleden besloten wij, een piepkleine VvE in Amsterdam Oost, om op ons achterhuis een sedumdak aan te leggen. Het was bedoeld als isolatie voor de er onder liggende slaapvertrekken en vanwege een fraaier uitzicht vanuit de bovenwoningen. Maar ook de ‘kleine bijdrage’ aan de verbetering van het stedelijke leefmilieu speelde een rol.

Alsof toeval bestaat, in precies diezelfde periode werden drie naast ons liggende daken vernieuwd: grind en oude bitumen verwijderd, isolatieplaten gelegd en daarna bedekt met een nieuwe bitumen-dakbedekking. Met als resultaat hetzelfde ’s zomerse, zwarte hitte eiland als daarvoor. Als Amsterdam haar groene ambities wil waarmaken dan is een strengere daken-aanpak onvermijdelijk. Geveltuintjes en groene bermen zijn leuk maar het zijn slechts druppels op een gloeiende plaat. Een grotere winst is hoger op te boeken.

Sedumtuin

Kan het tij worden gekeerd? Ik zie twee mogelijkheden. De eerste: een ethisch reveil, al die ‘GroenLinks’ en milieubewust stemmende bewoners, VvE-leden, woningbouwbestuurders en woningbeheerders vinden dat de Amsterdamse woestijn moet veranderen. Ze zetten hun commerciële belangen opzij, letten minder op hun centen en gaan zorg dragen voor de omgeving waarin ze wonen of hun nering uitoefenen. De kans er op is echter nihil.

De tweede optie: het gemeentebestuur gaat, in het belang van haar inwoners, verplichten dat bij vernieuwing van daken een groendak moet worden aangelegd. En niet zoals Rooftop Revolution bepleit bij alleen nieuwbouwwoningen, daar hebben we in de bestaande, stenige stad weinig aan. Natuurlijk kunnen de aanwezige subsidies daarbij worden aangewend.

Maar ook die tweede optie is een illusie, vrees ik. Dus zal onze kleine sedumtuin, binnenkort voor de eerste keer, vol bloemen en insecten, waarschijnlijk de komende jaren een van de weinige oases zijn in de uitgestrekte Amsterdamse woestijn.

Egbert Schuttert is landschapsarchitect.

null Beeld
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden