Opinie

Opinie: ‘Stroomopwek met wind is in de stad onhaalbaar, maar die mening is taboe’

Klankbordgroepen, participatie en inspraak zijn geen instrumenten om naar tegenstanders van de Amsterdamse windmolenplannen te luisteren, constateert bewoner Mark Bakker. Luid protest is het enige wat erop zit om een eerlijke afweging van belangen te bereiken.

Mark Bakker
Het Museumplein was maart vorig jaar het toneel van een protest tegen windmolens op het land. Beeld REMKO DE WAAL/ANP
Het Museumplein was maart vorig jaar het toneel van een protest tegen windmolens op het land.Beeld REMKO DE WAAL/ANP

Leden van energiecoöperaties en een bewonerscollectief roepen de gemeenteraad in Het Parool van afgelopen donderdag op om oog te hebben voor de stille voorstanders van de windmolenambitie van Amsterdam. Deze aanzet tot een positief tegengeluid blijkt vooral een aanbeveling van de firma WC-Eend tot het kopen van WC-Eend. Ik zet de lezer graag met beide benen op de grond. Het politieke proces dat moet leiden tot de bouw van windturbines is tot nog toe namelijk niet-transparant, onrechtvaardig en irrationeel.

Als inwoner van een zoekgebied (een gebied waar de gemeente windturbines wil bouwen) heb ik me aangemeld voor een klankbordgroep die als doel had om goed naar de zorgen en wensen van inwoners te luisteren. Jammer genoeg kwam daar niets van terecht: de gemeente huurde een bedrijf in dat deze avonden voorzat, maar ons aanvankelijk niet de gelegenheid gaf om iets in te brengen. Pas na lang aandringen mochten we zelf ook het woord doen. We kregen de gelegenheid om vanuit de buurt een bijdrage te leveren aan het Afwegingskader, maar de deadlines waren steeds eergisteren, de status van het Afwegingskader werd afgeschaald naar een flyer met de titel ‘Signalen uit de stad’ en onze zorgen en wensen werden niet of nauwelijks overgenomen. Tot zover de participatie.

200 meter

Gaandeweg het politieke proces werd bovendien duidelijk dat de gemeente en de initiatiefnemers (de turbinebouwers) al denken aan turbines van 200 meter hoog in plaats van 150 meter. Men bekeek al de mogelijkheden voor ontheffing van Schiphol voor deze extra hoge turbines, terwijl de meeste raadsleden nog niet op de hoogte waren.

In onze klankbordgroep en tijdens inspraakavonden haakten voorstanders na één avond af of kwamen helemaal niet opdagen. Ook bleek dat deze voorstanders ofwel een politiek ofwel een financieel belang hadden bij de bouw van windturbines. Ik ben nog geen enkele voorstander tegengekomen die in één van de zoekgebieden in Amsterdam woont. Misschien is dat wel de reden dat de voorstanders zo stil zijn: ze hebben andere belangen en wonen elders.

De schrijvers verwijzen naar een opiniepeiling waaruit zou blijken dat een zeer ruime meerderheid van de inwoners van Amsterdam de windmolenambitie steunt. Ik zou deze peiling graag willen inzien. Hoeveel mensen hebben meegedaan, waar wonen zij, welke belangen hebben ze? Hopelijk wordt niet de online Populytics-enquête bedoeld. Die digitale vragenlijst liet deelnemers kiezen: stroomopwek met wind tegenover geluidsoverlast, gezondheid, verlies aan natuurlijke waarden, economisch voordeel, etc. Je kon niet aangeven dat stroomopwek met wind in de stad misschien helemaal niet haalbaar is, juist gezien het verlies aan gezondheid, natuurlijke waarden of woongenot.

Dat is precies waar de schoen wringt: de windturbines moeten er koste wat kost komen, als het aan deze wethouder ligt. Argument: klimaat. De voorstanders gebruiken precies hetzelfde tranentrekkende klimaatargument. Volgens hen hebben we niet de luxe om te kiezen tussen de verschillende manieren van opwek, ‘alhoewel sommige populistische politici ons dat willen doen geloven’.

Schijnparticipatie

Weet u wat populistisch is? Inwoners een rad voor ogen draaien dat die turbines er móeten komen, schijnparticipatie organiseren, desinformatie naar buiten brengen, tijdens het spel de regels steeds veranderen en niet openstaan voor alternatieven. Ik ben het met de voorstanders eens dat we drastisch moeten bezuinigen op ons stroomgebruik. Het is prachtig dat er allerlei initiatieven zijn voor meer zonnepanelen en betere woningisolatie. Amsterdam bouwt aan de andere kant van de stad echter gewoon de ene datacentrale na de andere, en, nee, niet voor eigen dataverbruik, maar voor de export. Het verbruik van zo’n centrale komt al gauw in de buurt van een heel stadsdeel. Dat heet volgens mij dweilen met de kraan open.

Dus, beste voorstanders en gemeente, voordat u windturbines van 200 meter hoog gaat bouwen op 350 meter afstand van woningen en middenin kwetsbare natuurgebieden, vraagt u zich nog eens rustig af hoe het toch komt dat tegenstanders zich in de media hebben laten horen. Hopelijk is het nu eindelijk tijd voor een eerlijke afweging van álle belangen en álle voor- en nadelen en moeten we misschien wel tot de conclusie komen dat hele hoge windturbines niet geschikt zijn voor een dichtbevolkte omgeving die de laatst overgebleven kwetsbare natuurgebieden koestert. De Amsterdamse ambitie voor 2030 is nodig en haalbaar, maar moet wel rechtvaardig, opbrengstgericht en verstandig gebeuren.

Mark Bakker (44) woont en werkt in Amsterdam Zuidoost. Hij is leraar in het voortgezet onderwijs en inwoner van Gein 3, een woonwijk pal naast een zoekgebied voor windturbines. Hij heeft deelgenomen aan een lokale klankbordgroep. Beeld
Mark Bakker (44) woont en werkt in Amsterdam Zuidoost. Hij is leraar in het voortgezet onderwijs en inwoner van Gein 3, een woonwijk pal naast een zoekgebied voor windturbines. Hij heeft deelgenomen aan een lokale klankbordgroep.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden